Balanceeract van ECB-president Draghi

Blog -

Mario Draghi

De stemming op de financiële markten stond deze week weer eens in het teken van het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De rendementen op de Duitse obligatiemarkt daalden verder en de aandelenmarkten maakten een pas op de plaats.

De financiële markten stonden de afgelopen week verder onder invloed van ontwikkelingen in China en Griekenland Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

President Mario Draghi had een moeilijke taak tijdens de eerste beleidsvergadering sinds de ECB met het opkoopprogramma van obligaties is begonnen. Enerzijds kon hij wijzen op het succes van het programma gedurende de eerste maand, waarin de doelstelling van EUR 60 miljard per maand wel ongeveer werd gerealiseerd. Anderzijds moest hij ook weer niet al te positief klinken omdat de markten zich dan mogelijk zouden gaan richten op een eerdere beëindiging van het programma dan in september 2016.

Hij slaagde goed in deze balanceeract en wist de markten ervan te overtuigen dat het opkoopprogramma tot het einde toe zal worden afgemaakt. Daarvoor is het nodig dat de inflatie in de eurozone inderdaad zal gaan oplopen in de richting van 2%. Wij verwachten dat dit inderdaad zal gebeuren, maar dat die 2% wel pas in de loop van 2016 zal worden gerealiseerd.

Volgens Mario Draghi is dreigende schaarste aan geschikte obligaties niet echt een probleem. Sommige analisten concluderen uit de sterk gedaalde Duitse rente (tot 0,07% voor 10-jaars staatsobligaties, afgelopen donderdag) dat er zodanige schaarste ontstaat dat er onvoldoende papier is om het hele programma vol te maken. Volgens Draghi is het programma echter flexibel genoeg.

De financiële markten stonden de afgelopen week verder onder invloed van ontwikkelingen in China en Griekenland. De economische groei in China is in het eerste kwartaal verder teruggevallen tot 7%, wat overigens precies de doelstelling is van de Chinese autoriteiten. Op de financiële markten wordt gevreesd dat de groei verder zal vertragen, maar wij achten dat risico niet heel groot. De Chinese autoriteiten hebben immers voldoende manoeuvreerruimte om een impuls te geven aan de bouw en de woningmarkt – de twee zwakke plekken van de economie – om een harde landing van de economie te voorkomen.

In Griekenland wordt nog steeds nagedacht over hervormingsmaatregelen die goed genoeg zijn in de ogen van de eurogroep. Volgende week vrijdag (24 april) komt deze groep onder leiding van Jeroen Dijsselbloem bijeen en moeten er knopen worden doorgehakt. De voorstellen gaan vermoedelijk over arbeidsmarkt- en pensioenhervormingen, maar zullen ongetwijfeld op het allerlaatste moment beschikbaar komen. Het is van belang voor de liquiditeitspositie van Griekenland, dat begin mei weer aflossingen aan het IMF moet doen.

Europese markten nemen een rustpauze

De afgelopen week bleef het rustig op de mondiale aandelenmarkten. In Europa liepen de koersen licht terug en in de Verenigde Staten deden de markten het weer eens iets beter dan in Europa, met lichte stijgingen. Het resultatenseizoen begint echt op gang te komen. Afgezien van de persconferentie van de ECB was er de afgelopen week niet heel veel macro-nieuws dat de aandelenmarkten kon beroeren. Zwakke cijfers over de Amerikaanse detailhandelsverkopen over maart bedierven de stemming op de Amerikaanse markten niet, vermoedelijk omdat de blik al is gericht op het tweede kwartaal, waarin een verbetering van het economische beeld wordt voorzien.

Het bedrijfsnieuws uit de Verenigde Staten was wisselend van karakter. Traditioneel publiceren Amerikaanse banken hun resultaten in het begin van het resultatenseizoen. Met uitzondering van Bank of America – waarvan de resultaten iets tegenvielen – publiceerden de banken (Goldman Sachs, JP Morgan, Wells Fargo en American Express) beter dan verwachte resultaten. Die van Goldman Sachs waren zelfs de beste in vijf jaar tijd. Ook oliedienstverlener Schlumberger presenteerde beter dan verwachte resultaten, ondanks gedaalde vraag, lagere prijzen en de sterke dollar. General Electric maakte bekend het grootste deel van zijn financiële activiteiten te verkopen voor in totaal USD 26,5 miljard. Daarmee gaat het bedrijf zich wat meer concentreren op zijn kernactiviteiten als industrieel conglomeraat. Met de opbrengst zal General Electric een inkoopprogramma van eigen aandelen starten.

In Europa was veel aandacht voor de plannen van Nokia om Alcatel Lucent over te nemen (voor EUR 15,6 miljard), waarmee het bedrijf zijn concurrentiepositie ten opzichte van Ericsson en Huawei hoopt te verbeteren.

In Nederland stonden de resultaten van Unilever en ASML in de belangstelling. Unilever presenteerde iets beter dan verwachte omzetcijfers over het eerste kwartaal. Hierbij viel de afzet in Europa wat tegen, evenals die in Rusland en Brazilië. Maar vooral andere opkomende markten stuwden de groei op. Unilever profiteert van de gedaalde koers van de euro tegen veel andere valuta’s. Mede daardoor verwacht het levensmiddelenconcern voor de rest van het jaar een groei die aan de bovenkant van de verwachte bandbreedte van 2% tot 4% ligt. ASML publiceerde resultaten over het eerste kwartaal die ongeveer in lijn waren met de verwachtingen. Dat gold voor zowel de verkopen van chipmachines als de behaalde marges. Een tegenvaller was wel dat de orderontvangsten 26% lager waren dan in het laatste kwartaal van 2014.

De AEX lag donderdag – met 504,38 punten – ruim 0,5% lager dan vorige week vrijdag en verloor vandaag nog eens 0,6%. Daarmee heeft de index het overigens minder slecht gedaan dan de Duitse DAX, die de afgelopen week meer dan 3% moest prijsgeven.

Veel bedrijfsresultaten te verwachten

De komende week komt er weer wat meer macronieuws dat de koersen op de financiële markten in beweging kan brengen. Maar ook op het gebied van de bedrijfsresultaten is er voldoende te verwachten. Op macro-economisch gebied kijken we de komende week weer uit naar de eerste indicaties van het sentiment onder inkoopmanagers in de industrie in veel landen. De grote vraag daarbij is of de goede cijfers die we de laatste tijd over de Europese economie hebben gezien, ook zichtbaar worden in de niveaus van deze vertrouwensindicator.

Daarnaast verschijnen er deze week weer twee interessante vertrouwensindicatoren in Duitsland: de ZEW-index (die een indicatie geeft over de manier waarop beleggers aankijken tegen de Duitse en de Europese economie) en de Ifo-index (de belangrijkste maatstaf van het ondernemersvertrouwen in Duitsland). Verder kijken we met belangstelling uit naar het consumentenvertrouwen in de Europese Unie en Nederland en de detailhandelsverkopen in Italië en ook weer Nederland.

Uit de Verenigde Staten komen volgende week gegevens over de huizenmarkt (verkopen van zowel nieuwe als bestaande woningen), die extra interessant zijn na de tegenvallende cijfers afgelopen week over het aantal in aanbouw genomen woningen. Daarnaast worden daar de orders voor duurzame goederen over maart gepubliceerd, die een indicatie geven over de stand van de Amerikaanse conjunctuur.

Tot slot vindt komende woensdag een bijeenkomst plaats van de G-7, waar Rusland voorlopig niet meer welkom is. En op vrijdag is de belangrijke bijeenkomst van de eurogroep, waar de hervormingsvoorstellen van Griekenland zullen worden besproken.

Op het gebied van de bedrijfsresultaten is er een hele reeks te verwachten. De belangrijkste zijn Morgan Stanley, IBM, Halliburton, Manpower, Coca Cola, McDonald’s, Boeing, Microsoft, Google, Starbucks, General Motors, AstraZeneca en Novartis. In Nederland kijken we vooral naar Heineken, ASMI, Akzo Nobel, TomTom en Ten Cate.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op