BBP-cijfers eurozone vallen tegen, maar het herstel zet door

Blog -

World Economy

De BBP-cijfers voor de eurozone over het eerste kwartaal stelden teleur. De Nederlandse economie is veel sterker gekrompen dan verwacht en ook de Franse en Italiaanse cijfers vielen tegen. De forse groei in Duitsland kon dat niet compenseren. Uit andere cijfers komt echter naar voren dat het herstel doorzet.

Belangrijk is dat de cijfers op bepaalde punten aanleiding geven tot voorzichtig optimisme. Han de Jong Han de Jong Chief Economist

Vooral in sommige perifere landen gaat het beter, al hebben ze nog een lange weg met mogelijk allerlei valkuilen te gaan voordat hun economie weer gezond is. Hoewel de Amerikaanse cijfers van afgelopen week niet allemaal even geweldig waren, komt hieruit wel het beeld naar voren van een economie die onmiskenbaar aantrekt. De Japanse BBP-cijfers over het eerste kwartaal overtroffen de verwachtingen. Belangrijk is dat de cijfers op bepaalde punten aanleiding geven tot voorzichtig optimisme dat de groei ook na de verhoging van de omzetbelasting in april aanhoudt. De Chinese economie is opnieuw minder hard gegroeid, maar de vertraging is zeer gering en de regering heeft extra maatregelen aangekondigd om de groei te stimuleren. Al met al kan ik me nog steeds heel goed vinden in onze visie dat de wereldeconomie dit jaar en volgend jaar verder aan kracht wint.

Tegenvallende groei eurozone

Het BBP van de eurozone is in het eerste kwartaal met 0,2% k-o-k gegroeid, slechts half zoveel als verwacht. Jaar op jaar versnelde de groei van 0,5% naar 0,9%.

20140519 Eurzone BBP

Dat is natuurlijk niet erg veel, maar bedenk wel dat de potentiële groei niet heel veel hoger ligt. Het weer heeft zeker een rol gespeeld, al verschilt dat per land. In Duitsland heeft de zachte winter tot extra bedrijvigheid in de bouw geleid, terwijl het BBP van Nederland juist te lijden had van het geringere aardgasverbruik. Verder moeten we niet vergeten dat BBP-cijfers sterk kunnen fluctueren en dat nog weinig bekend is hoe de groei over de diverse componenten verdeeld is. Vooral de cijfers van Frankrijk (0,0% k-o-k, +0,8% j-o-j) en Italië (-0,1% k-o-k, -0,5% j-o-j) vielen tegen.

Andere indices, zoals die voor het ondernemersvertrouwen, duiden erop dat het herstel aanhoudt en zelfs iets sterker is dan de BBP-cijfers voor het eerste kwartaal doen vermoeden, al zijn er vorige week verder weinig interessante cijfers gepubliceerd. In april zijn er in de EU 4,6% j-o-j meer kentekens geregistreerd tegen 7,4% in maart. De cijfers voor de eurozone zijn lager, respectievelijk 2,8% en 4,7%. De verschillen per land zijn echter groot, waarbij opvalt dat de landen die de afgelopen jaren financiële steun hebben gekregen, het erg goed doen. Zo is het aantal kentekenregistraties in Portugal in april met 53% j-o-j gestegen. In maart was dat 43%. Dit cijfer is ongetwijfeld geflatteerd door de lage vergelijkingsbasis, maar het is wel indrukwekkend en is bovendien moeilijk te rijmen met de daling van het Portugese BBP met 0,7% in het eerste kwartaal. In Spanje werden er in april 29% meer nieuwe kentekens geregistreerd dan een jaar geleden, in Ierland 28%. In Griekenland bleef de stijging beperkt (2,1% j-o-j) en in Duitsland was er zelfs sprake van een daling (-3,6% j-o-j).

Overtuigd van het herstel in de VS

Hoewel sommige Amerikaanse cijfers vorige week niet geweldig waren, schetsen alle cijfers samen volgens mij toch een redelijk eenduidig beeld. De industriële productie is in april met 0,6% m-o-m gedaald, in maart was die nog met 0,9% gestegen. Het ondernemersvertrouwen in de woningbouw nam eveneens af, de NAHB-index daalde in mei van 46 naar 45. Met een stijging van slechts 0,1% m-o-m deden de detailhandelsverkopen van april het eveneens matig. Wel werd het cijfer voor maart naar boven bijgesteld tot +1,5% m-o-m. Nemen we die twee maanden samen, dan zien de detailhandelsverkopen er alles behalve slecht uit. 

20140519 VS NFIB index

Goed nieuws was dat het aantal aanvragen voor een werkloosheidsuitkering vorige week daalde naar 297.000 en voor het eerst in lange tijd onder de 300.000 kwam. Dit getal is een sterke economische indicator en uit de ontwikkeling ervan blijkt dat de arbeidsmarkt verbetert. Verder neemt het vertrouwen in het MKB toe, getuige de stijging van de stemmingsbarometer van de National Federation of Independent Business van 93,4 naar 95,2. Deze index is niet erg belangrijk en bovendien gebaseerd op een vrij klein onderzoek. Toch is de stijging welkom omdat het MKB de ruggengraat van de economie vormt en het ondernemersklimaat in het MKB sinds het begin van het herstel in 2009 zwak is gebleven. Pas de laatste tijd veert deze index weer op, wat erop wijst dat het herstel een veel steviger basis krijgt. Ook de regionale indices van het ondernemersvertrouwen deden het naar verhouding goed. De Philly Fed-index kon de sterke stijging van vorige maand niet helemaal vasthouden, maar het verlies bleef beperkt (15,4 tegen 16,6 in april). De Empire State-index, die het ondernemersvertrouwen in het district van de New York Fed meet, is juist sterk gestegen, van 1,3 in april naar 19,0 in mei. Het consumentenvertrouwen nam, volgens de voorlopige cijfers van de universiteit van Michigan, in mei iets af, terwijl het aantal in aanbouw genomen woningen en bouwvergunningen in april relatief hoog was.

De totale inflatie nam in april 0,3% m-o-m toe, bij een kerninflatie van 0,2% m-o-m en 1,8% j-o-j (was 1,7% in maart). We moeten de inflatieontwikkeling de komende maanden nauwgezet volgen. De inflatie lijkt het dieptepunt voorbij te zijn. Een sneller dan voorziene stijging zou de Fed kunnen dwingen eerder in te grijpen dan verwacht. We voorzien voorlopig nog geen actie van de Fed.

Japan en China

Het BBP van Japan is in het eerste kwartaal met 1,5% k-o-k gegroeid. Dat was meer dan verwacht. De consumenten leverden daar een belangrijke bijdrage aan door, zoals verwacht, aankopen naar voren te halen met het oog op de verhoging van de omzetbelasting per 1 april. De weerslag komt uiteraard in het tweede kwartaal. Maar ook de bedrijfsinvesteringen waren verrassend hoog en dat heeft waarschijnlijk niets met de verhoging van de omzetbelasting te maken. Reden dus voor voorzichtig optimisme dat het de komende maanden met de groeidaling wel mee zal vallen.

De Chinese cijfers voor de detailhandelsverkopen en de industriële productie bevestigen dat de groeivertraging aanhoudt, maar wel héél langzaam. De regering moedigt de lokale overheden aan om het tempo van de woningbouw wat op te voeren, een teken dat de regering kleine, gerichte stimuleringsmaatregelen wil nemen om een te sterke groeivertraging te voorkomen. Wij denken dat het de regering lukt om de groei rond het beoogde niveau te stabiliseren.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op