Mario Draghi stelt financiële markten teleur

Blog -

Man met tablet en grafieken

Vol verwachting klopte het hart op de financiële markten, maar men kreeg minder cadeautjes van de Europese Centrale Bank (ECB) dan waarop men had gerekend. Het gevolg was sterk dalende koersen van aandelen en obligaties en de euro werd sterker.

Uit de eurozone kwam de afgelopen week positief nieuws over het vertrouwen bij ondernemers en consumenten Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

Vooral nadat woensdag bekend werd dat de consumptieprijsstijging in de eurozone in november was gestabiliseerd op het lage niveau van 0,1%, leek een intensivering van het stimuleringsbeleid van de ECB onvermijdelijk. Dat gold temeer omdat de inflatie exclusief voedings- en energieprijzen zelfs afnam van 1,1% in oktober tot 0,9% in november. Toch deed de ECB minder dan verwacht. Wel werd de depositorente verder verlaagd van -0,2% tot -0,3%, maar de markten hadden gerekend op -0,4% en dat eventueel alleen voor grote deposito's die bij de ECB worden gestald. Wel werd het opkoopprogramma van obligaties verlengd tot maart 2017, maar de ECB handhaafde het maandelijkse bedrag op 60 miljard euro, terwijl een verhoging met 10 miljard à 20 miljard euro werd verwacht. Vanwege het toenemende gebrek aan geschikte obligaties mag de bank overigens wel meer soorten obligaties gaan opkopen, waaronder regionale obligaties (bijvoorbeeld van Duitse deelstaten). Eigenlijk hadden de markten gehoopt dat de ECB zou melden dat het programma voor onbepaalde tijd zou gelden en dat ook de herfinancieringsrente (nu 0,05%) zou worden verlaagd.

De Europese aandelenmarkten, die toch al behoorlijk nerveus waren, reageerden met dalingen van circa 3,5% terwijl de euro weer wat aansterkte tegenover de Amerikaanse dollar. Desondanks moesten ook de Amerikaanse aandelenmarkten een behoorlijk verlies (van circa 1,5%) incasseren. Ook de obligatiemarkten verloren wereldwijd terrein en de obligatierentes stegen met 10 basispunten in de Verenigde Staten en de kernlanden van Europa, terwijl de stijging in de Europese periferie ongeveer het dubbele bedroeg. Vermoedelijk hebben de tegenstanders van het ruime beleid dat Mario Draghi wil, een grotere invloed binnen het ECB-bestuur weten te verwerven. Zij achten de effectiviteit van dit beleid minder groot dan de voorstanders, zeker als het lang wordt voortgezet en ze zijn bovendien bevreesd voor het ontstaan van zeepbellen op de financiële markten.

Effecten van ECB-beleid, ook buiten eurozone

De reactie van de Amerikaanse markten op het ECB-besluit komt misschien doordat een spoedige Amerikaanse renteverhoging nu nog wat waarschijnlijker wordt. Wanneer de ECB agressiever had gehandeld en de dollar sterker was geworden of gebleven, was de noodzaak voor de Federal Reserve (Fed) om de eigen rente spoedig te verhogen immers minder groot geweest. Nu lijkt een renteverhoging bij de bijeenkomst van 15-16 december echter onvermijdelijk. Fed-voorzitter Yellen heeft daar bij recente speeches ook al op gehint. De Amerikaanse economie staat er goed (genoeg) voor en door te lang te wachten met een eerste verhoging zouden in haar ogen de daaropvolgende renteverhogingen extra groot moeten zijn. Nu verwachten wij een heel geleidelijk tempo, waardoor de rente eind 2016 op het nog steeds lage niveau van 1,25% (nu nog 0%-0,25%) zal uitkomen. Ook op andere landen heeft het ECB-beleid effect. Voorbeelden daarvan zijn Zweden en Zwitserland, twee landen die nog hun eigen munt hebben. Centrale banken van beide landen hebben zelf nu minder ruimte om hun beleid verder te versoepelen, omdat hun munten tegenover de euro ook wat onder druk staan.

Aandelenmarkten profiteren niet van goede macrocijfers

Het macro-economische nieuws was de afgelopen week - zowel in Europa als de Verenigde Staten - redelijk. Er was heel weinig bedrijfsnieuws, maar toch konden de aandelenmarkten niet in een positieve stemming komen. Afgelopen maandag maakte het IMF bekend dat de Chinese yuan met een gewicht van bijna 11% wordt opgenomen in de SDR, de fictieve munt van het IMF, die vooral door centrale banken wordt gebruikt. De opname gaat overigens pas in op 16 oktober 2016. China heeft voldoende hervormingen doorgevoerd om deze opname te rechtvaardigen. De munt wordt geleidelijk aan meer vrij verhandelbaar en de Chinese obligatiemarkten worden opengesteld voor niet-ingezetenen. Toch zullen beleggers volgens ons voorlopig nog wel terughoudend blijven, omdat nog niet van een 'safe haven' zoals in het geval van het dollar- of het eurogebied kan worden gesproken.

Uit de eurozone kwam de afgelopen week positief nieuws over het vertrouwen bij ondernemers en consumenten. De 'Economic Sentiment Index' - een combinatie van beide - steeg in november naar het hoogste niveau in vier jaar. De detailhandelsverkopen daalden in oktober weliswaar licht, maar wanneer online verkopen erbij worden opgeteld blijken de bestedingen zich wel degelijk positief te ontwikkelen. Het sentiment onder inkoopmanagers verslechterde iets in de industrie, maar in de dienstensector blijft de stemming erg goed. Dat laatste was ook het geval in de Verenigde Staten, waar bovendien de arbeidsmarkt verder verbeterde. Op bedrijfsgebied viel de afsplitsing van de duurzame energietak - in een nieuwe onderneming - van het Duitse RWE op. Het bedrijf volgt daarmee het voorbeeld van E.ON, dat eerder al deze veelbelovende onderdelen in een eigen onderneming plaatste. In Nederland was Delta Lloyd weer in het nieuws. De verzekeraar neemt een aantal maatregelen om de kapitaalpositie te versterken en in overeenstemming te brengen met de nieuwe eisen (Solvency II) van de toezichthouders. De AEX daalde (vooral op donderdag) fors, met 4,7% ten opzichte van vorige week vrijdag tot 449,92 en was daarmee een van de grotere dalers binnen Europa. Vanmorgen stond de index op een verder verlies tot 446-447 punten.

Nieuwsarme week op komst

De agenda voor de komende week is niet erg gevuld. Het bedrijfsnieuws zal schaars zijn en ook op het macro-economische vlak valt er niet heel veel spannends te verwachten, onverwachte gebeurtenissen daargelaten natuurlijk. Vandaag (vrijdag) zijn er overigens wel twee belangrijke gebeurtenissen. Dat betreft in de eerste plaats de vergadering van de OPEC, waar mogelijk maatregelen worden genomen om de lage en onder druk staande olieprijs omhoog te krijgen. In de tweede plaats is vanmiddag om half drie het Amerikaanse banenrapport over november gepubliceerd. Daar wordt natuurlijk met de nodige spanning naar uitgekeken, omdat het de laatste test is voordat de Fed over twee weken zijn rentebesluit neemt.

De komende week verschijnen er wat cijfers over de toekomstige economische ontwikkeling (leading indicators) in de OESO en ook in Japan. Verder worden in Duitsland gegevens gepubliceerd over de loonkosten. Die zijn van belang voor de toekomstige ontwikkeling van de inflatie in de grootste economie van de eurozone en dus ook voor het beleid van de ECB. In de Europese Unie en ook in Japan wordt een tweede schatting (ook een onderverdeling naar bestedingscategorieën) gepubliceerd over het Bruto Binnenlands Product. Cijfers over de inflatie mogen worden verwacht uit China, Frankrijk, Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. Het Verenigd Koninkrijk, Italië en Nederland zullen cijfers over de industriële productie publiceren. In de Verenigde Staten zal een eerste schatting van het consumentenvertrouwen (volgens de universiteit van Michigan) worden gepresenteerd. En tot slot zullen de centrale banken van zowel het Verenigd Koninkrijk als Zwitserland vergaderen over de eigen renteniveaus en dat is interessant in het licht van de verrassing die de ECB ons deze week heeft gepresenteerd.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs