Bloedbad op de aandelenmarkten houdt aan

Blog -

Aflopende grafiek

Ook de afgelopen week hielden de koersdalingen op de wereldwijde aandelenmarkten aan. De Chinese markten - aanvankelijk het epicentrum van de onrust - waren de hele week gesloten vanwege de start van het nieuwe jaar. De obligatierente viel sterk terug op markten die als veilige havens worden gezien.

De voortgaande onrust op de aandelenmarkten valt vanuit fundamentele ontwikkelingen moeilijk te verklaren. Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

De voortgaande onrust op de aandelenmarkten valt vanuit fundamentele ontwikkelingen moeilijk te verklaren. Vanuit China kwam er de afgelopen week geen nieuws, omdat de markten gesloten waren vanwege het begin van het jaar van de aap. De olieprijs daalde op donderdag opnieuw, maar kwam amper uit onder niveaus, die medio januari ook al waren bereikt. In de Verenigde Staten wijzen de indicatoren niet bepaald op een recessie. De relatief sterke dollar werd gezien als een van de oorzaken van wat zwakke plekken, maar de afgelopen week werd de Amerikaanse munt juist wat zwakker en dat werd gezien als een teken van een verzwakkende economie.

De inconsistentie van de redeneringen wijst erop dat beleggers nerveus en angstig zijn en zoeken naar de bijbehorende oorzaken voor de verwarring. Daarbij is een consistente communicatie door beleidsmakers essentieel. Op deze plaats heb ik eerder al gewezen op ongelukkige communicatie en beleidsreacties door de Chinese autoriteiten. De afgelopen week liet ook voorzitter Yellen van de Federal Reserve in een speech voor het Congres na om klip en klaar duidelijk te maken hoe zij zal bijdragen aan het bezweren van de onrust. Wij verwachten dat ze dat binnenkort wel zal doen en duidelijk zal maken dat de drie renteverhogingen, die de Fed nu nog voor dit jaar in de planning had staan, worden uitgesteld tot 2017. Dat wordt dan hoofdzakelijk ingegeven door de internationale onrust. Een recessie in de Verenigde Staten lijkt ons op korte termijn onwaarschijnlijk. Consumenten, die driekwart van de Amerikaanse economie uitmaken, staan er daarvoor te goed voor. Het perspectief op banen is nog altijd erg goed, de werkloosheid is uitermate laag, de inkomens- en schuldpositie is verbeterd en mede daardoor ligt het consumentenvertrouwen op een bevredigend niveau.

Reacties op olieprijsdalingen zijn ongelijk verdeeld

De zeer lage olieprijs wordt meer door een zeer ruim aanbod veroorzaakt, dan door een afname van de vraag. Op zich is dit positief voor de gebruikers van energie (consumenten en bedrijven), die daardoor een behoorlijke stijging van de koopkracht kunnen ervaren.

Mede als gevolg van de toegenomen onzekerheden wordt voorlopig echter nog weinig extra besteed. Aan de andere kant passen de verliezers (olie-producerende landen en oliebedrijven) zich wel snel aan aan de veranderde omstandigheden. Vooral in de omvangrijke Amerikaanse energiesector vinden desinvesteringen plaats en worden nieuwe investeringsplannen teruggeschroefd. Hiervan gaat wel enig negatief effect uit op de Amerikaanse economie.
De sterke onrust op de beurzen leidt opnieuw tot een vlucht naar obligaties, vooral van landen die echt als veilige havens worden gezien. Zo is de 10-jaarsrente in de Verenigde Staten de afgelopen week met 22 basispunten gedaald tot 1,64% en in Duitsland met 13 basispunten tot 0,18%. In Nederland en Frankrijk bleef de daling beperkt tot respectievelijk 10 en 5 basispunten. Spanje en Italië worden kennelijk niet als veilige havens gezien, want daar liep de 10-jaarsrente zelfs op, met respectievelijk 12 en 19 basispunten. Het is de vraag wat centrale banken (nog) kunnen doen om de onrust te bezweren. Naar onze mening hebben ze nog heel wat middelen beschikbaar. De Federal Reserve kan de renteverhogingen beperken en de ECB kan het lopende opkoopprogramma van obligaties verder verlengen en intensiveren. Als uiting van alle onzekerheid en angst steeg ook de prijs van goud als (vermeende) veilige haven. De afgelopen week bedroeg de stijging ruim 8% wat de totale stijging dit jaar op 17,5% brengt.

Deutsche Bank in centrum van de belangstelling

Op de aandelenmarkten waren het de afgelopen week vooral de bankaandelen, die onder druk stonden. Ondanks de twijfel bij beleggers over de staat van de Amerikaanse economie was het verlies van de Europese beurzen veel groter dan van de Amerikaanse.

In de Verenigde Staten verloren de beurzen de afgelopen week gemiddeld 2,5% tot 3,5% van hun waarde. In Europa waren de verliezen met 5,5% tot 7,5% veel groter, terwijl de Zuid-Europese beurzen zelfs 8,5% tot 9% moesten prijsgeven. Vermoedelijk speelt voor Europa een aantal tegenvallende cijfers over de industriële productie (in Duitsland, Italië en Frankrijk) in december een rol. Redelijke cijfers over de economische groei in het vierde kwartaal konden daar kennelijk weinig tegenwicht aan bieden.
De stroom bedrijfsresultaten leverde - zowel in de Verenigde Staten, als in Europa - een gemengd beeld op. Een mooi voorbeeld van een gemengd beeld bij één en hetzelfde bedrijf was PepsiCola. De omzet in het vierde kwartaal stond onder druk (7% lager ten opzichte van een jaar eerder), vooral als gevolg van de sterke dollar, maar desondanks nam de operationele winst met 10% toe. De koersen van bankaandelen daalden omdat wordt gevreesd dat de rentemarges onder druk komen door de negatieve rente die nu in veel landen geldt. Toch wist Deutsche Bank, die het meest in de (negatieve) belangstelling stond, op woensdag 10% te winnen nadat het aangaf eigen obligaties terug te kopen. In Amsterdam publiceerde Heineken hele goede resultaten (met een stijging van de winst voor belastingen van 16%), maar het fonds verloor in de algehele malaise toch nog ruim 3%. De resultaten van AKZO Nobel werden eveneens matig ontvangen ondanks het overtreffen van de rendementsdoelstelling. De AEX sloot donderdag met 382,61 ruim 7,5% lager dan vorige week vrijdag en was daarmee een van de grotere dalers in Europa. Op vrijdagmorgen stond de index - in het voetspoor van de andere Europese beurzen - op een winst van ruim 1% op 387 punten.

Chinese beurs opent weer na een week gesloten te zijn geweest

Als komende maandag de Chinese beurs weer open gaat, blijft de Amerikaanse beurs gesloten vanwege President's Day. Op macrogebied is het niet een heel drukke week en de bedrijven, die hun resultaten publiceren, zijn ook niet (meer) de meest aansprekende.

In China worden de komende week gegevens over de internationale handel in januari gepubliceerd, waar altijd met veel belangstelling naar wordt gekeken. Verder zullen er cijfers worden gepresenteerd over de prijsontwikkeling in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Italië. Uit de Verenigde Staten komen er bovendien nieuwe gegevens over de huizenmarkt, waaronder het aantal in aanbouw genomen woningen in januari. In Nederland wordt uitgekeken naar gegevens over de werkloosheid en de consumptieve bestedingen in december en over het consumentenvertrouwen in februari. Een vergelijkbaar cijfer verschijnt ook voor de Europese Unie als geheel. De belangrijkste internationale bedrijven, die de komende week hun resultaten publiceren, zijn Schneider Electric, Nestlé, Allianz, Wal-Mart, Priceline, Vivendi en Credit Agricole. Air France-KLM hangt een beetje tussen internationaal en Nederland in. Uit Nederland kijken we verder uit naar de cijfers van DSM, Randstad, BAM, Ordina, Aegon, Arcadis en TNT-Express.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs