Mario Draghi geeft de markten weer wat hoop

Blog -

Man op ladder verrekijker

De onrust op de financiële markten heeft ook de afgelopen week aangehouden. Meer dan in de twee weken ervoor leidde de risico-aversie bij beleggers tot een vlucht naar veilige (obligatie)havens. De Duitse 10-jaarsrente daalde daardoor met bijna 20 basispunten tot 0,33% op donderdag.

De koersen op de wereldwijde aandelenmarkten hebben de afgelopen week opnieuw fors gefluctueerd Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

In Frankrijk en Nederland liep de 10-jaarsrente met iets meer dan 10 basispunten terug, terwijl de daling in Spanje en Italië beperkt bleef (tot minder dan 5 basispunten). Dit laat duidelijk zien dat hier sprake is van een vlucht naar kwaliteit. Risicovolle aandelen werden verkocht en vooral de zeer veilig geachte havens werden juist opgezocht. Bovendien kunnen we spreken van een algehele risico-aversie. De fundamentele staat van de economieën van de westerse landen en ook van China rechtvaardigt naar mijn mening niet dat de aandelenmarkten zo hard onderuit zijn gegaan.

De risico-aversie kent drie oorzaken: China, de olieprijs en twijfel over de toekomstige daadkracht van de Europese Centrale Bank (ECB). Om met dat laatste te beginnen: de ECB heeft de financiële markten in december vorig jaar ernstig teleurgesteld door alleen de depositorente te verlagen en het opkoopprogramma van obligaties te verlengen tot en met maart 2017. De markten hadden echter ook gerekend op een intensivering van het programma van de huidige EUR 60 miljard per maand, tot bijvoorbeeld EUR 70 of 80 miljard. Daarom werd met meer dan normale spanning uitgekeken naar de beleidsvergadering van afgelopen donderdag. En president Draghi stelde ditmaal niet teleur. Hij stelde dat de vooruitzichten voor (een stijging van) de inflatie in januari zijn verslechterd door de verder gedaalde olieprijs en de sterker dan verwachte euro. Uit zijn woorden kon worden afgeleid dat een intensivering in maart waarschijnlijk is en vermoedelijk ook gepaard gaat met een verdere verlaging van rentetarieven. Ook voor juni lijken dergelijke maatregelen waarschijnlijker.

Daling van de olieprijs nadert het einde

In China werd de afgelopen week bekend dat de economie in het vierde kwartaal van 2015 met 6,8% is gegroeid ten opzichte van een jaar eerder. Dat was slechts 0,1 procentpunt minder dan in het derde kwartaal en ook 0,1 procentpunt minder dan verwacht. Geen cijfers die op een recessie wijzen, zou ik zeggen. Nieuwe gegevens over de detailhandel, de investeringen en de industriële productie waren in december - in tegenstelling tot november - iets minder sterk dan verwacht, maar de groeicijfers waren nog steeds buitengewoon hoog. Cijfers uit de andere regio's bevestigden min of meer onze verwachtingen. In de Verenigde Staten blijft het beeld in de industrie zwak als gevolg van de sterke dollar, maar compenseert de dienstensector dit en in de eurozone blijven de indicatoren wijzen op een verder aantrekkende economische groei. Alleen de vertrouwensindicatoren - zoals de ZEW-index en het vertrouwen van consumenten in een aantal landen - verslechterde in januari enigszins maar dat is meer een gevolg van de gedaalde aandelenkoersen dan een indicatie van een naderende recessie. Dat laatste geldt ook voor de verder gedaalde olieprijs, tot onder de USD 30 per vat. De daling is nog steeds meer het gevolg van een overmatig aanbod dan van een inzakkende vraag, die zou duiden op een terugval van de economische groei. Bovendien is het aantal speculatieve (short)posities uitzonderlijk hoog. Wij voorzien in de loop van dit jaar een herstel van de olieprijs tot USD 50 per vat. Dit wordt veroorzaakt door een stijging van de mondiale vraag naar olie, een stagnatie van het aanbod (vooral in de VS), het terugdraaien van de speculatieve posities en een minder sterk stijgende dollar (een stijging van de dollar dempt meestal het prijsherstel).

Unilever verdringt Koninklijke Olie als grootste fonds op de beurs

De koersen op de wereldwijde aandelenmarkten hebben de afgelopen week opnieuw fors gefluctueerd. In Europa vond donderdag een ommekeer plaats met dank aan Mario Draghi. Ook de AEX wist zelfs wat te winnen door goede cijfers van Unilever en ASML. Ondanks het slechte macro-economische sentiment kijken beleggers reikhalzend uit naar de voortgang van het resultatenseizoen dat medio januari van start is gegaan. Vooral de Amerikaanse banken en andere financiële instellingen hebben hun resultaten over het vierde kwartaal gepubliceerd. De uitkomsten waren wisselend, met meevallende resultaten voor JP Morgan en enigszins tegenvallende cijfers van Wells Fargo. American Express presenteerde een winst per aandeel die met USD 1,23 een dubbeltje meeviel vergeleken met de consensusverwachting. Toch was de onderliggende ontwikkeling minder goed en moesten er voorzieningen worden genomen. Oliedienstverlener Schlumberger rapporteerde eveneens een winst die iets beter was dan verwacht. De meevaller kwam tot stand ondanks sterk tegenvallende activiteiten in de Verenigde Staten, waar veel oliecapaciteit buiten gebruik is gesteld. Het bedrijf lanceerde een inkoopprogramma van eigen aandelen van USD 10 miljard.

In Nederland daalde de koers van Koninklijke Olie op woensdag met 7%. Het bedrijf gaf die dag voorbeurs een “trading update” waarin het aangaf dat de winst over het vierde kwartaal - mede door de gedaalde olieprijs - USD 1,6 tot 1,9 miljard heeft bedragen, vergeleken met USD 3,3 miljard een jaar eerder. Het dividendbeleid blijft ongewijzigd. Echte resultaten kwamen er van Unilever en ASML. Unilever meldde een stijging van de omzet met 10% tot EUR 53,3 miljard, vooral als gevolg van de sterke dollar. De koers van het aandeel steeg met 3% en samen met de koersdaling van Koninklijke Olie leidde dat ertoe dat Unilever nu het grootste fonds is op de Amsterdamse beurs. Ook ASML presenteerde betere cijfers dan verwacht en beloofde tegelijkertijd een verhoging van het dividend en een inkoopprogramma van eigen aandelen van EUR 1 miljard. De AEX sloot donderdag 0,7% hoger dan vorige week vrijdag op 406,49 en was daarmee een van de uitzonderingen in het internationale veld. Vanmorgen won de index opnieuw in een internationaal verbeterend sentiment en schommelde rond de 415 punten.

Het Amerikaanse bedrijfsseizoen barst echt los

De komende week wordt meer dan anders gedomineerd door de presentatie van bedrijfsresultaten. Ook op macro-economisch gebied is er overigens interessant nieuws te verwachten. Vanmiddag, voordat de Amerikaanse beurs open gaat, zal General Electric zijn resultaten al publiceren. Het bedrijf wordt wel gezien als een goede afspiegeling van de Amerikaanse economie. De komende week wordt het seizoen voortgezet met de resultaten van onder meer Apple, Microsoft, Facebook, eBay, McDonalds, Biogen, Ford, Boeing, Halliburton, Chevron, VISA, Mastercard, Procter & Gamble en Johnson & Johnson. In Europa kijken we uit naar de cijfers van Siemens, Roche, Novartis en Hennes & Mauritz.

Op macrogebied zijn de belangrijkste cijfers die van het Duitse Ifo, de maatstaf voor het vertrouwen onder Duitse ondernemers en ook het vertrouwen van Franse en Italiaanse consumenten. Ook voor de Europese Unie als geheel worden er nieuwe cijfers gepresenteerd over het vertrouwen van consumenten en producenten. In de Verenigde Staten worden nieuwe gegevens gepubliceerd over de verkopen van nieuwe woningen en ook over het consumentenvertrouwen (door zowel de Conference Board als de universiteit van Michigan), de orders voor duurzame goederen en de stemming onder inkoopmanagers in de dienstensector. Tenslotte komen er nog cijfers over de inflatie uit Frankrijk en Japan.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs