Stijgende olieprijs stuurt aandelenmarkten hoger

Blog -

Oil jacks

De week begon met een dalende olieprijs en sombere markten. Toen de olieprijs ging stijgen werd het toch nog een positieve week. De obligatiekoersen gingen over de hele linie omlaag.

De afgelopen week werden de aandelenmarkten niet alleen door het macro-sentiment beïnvloed, maar speelden ook de bedrijfsresultaten een rol. Die waren wisselend van karakter, terwijl maar weinig bedrijven positieve vooruitzichten schetsten. Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

De olieproducerende landen konden het vorig weekend in Doha niet eens worden over productiebeperkingen, waardoor de olieprijs in het begin van de week onder druk kwam te staan. Later in de week - na een staking in Koeweit en de bekendmaking van lagere olievoorraden in de Verenigde Staten - keerde de stemming op de oliemarkten en ging de prijs van een vat Brentolie uit de Noordzee omhoog tot boven USD 45. Dat was de afgelopen week de belangrijkste impuls achter het verloop van de aandelenkoersen, die op dinsdag en woensdag hun stijging voort wisten te zetten.

De vergadering van de Europese Centrale Bank (ECB) leverde donderdag niet veel vuurwerk op, in elk geval minder dan de vergadering in maart. President Draghi gaf overigens wel aan dat de ECB klaar staat om het beleid verder te intensiveren. In de ogen van de centrale bank zal dat ook nodig zijn, want de inflatieverwachtingen wijzen voor langere tijd op een tempo, dat ruim onder de doelstelling van (net onder) de 2% ligt. Bovendien is de euro de afgelopen weken wat sterker geworden tegenover de dollar, waardoor de (invoer)prijzen nog extra worden gedrukt. Dit zal vermoedelijk niet zozeer leiden tot verdere renteverlagingen (dieper negatief dus), maar wel tot een verdere vergroting van de obligatieaankopen. Overigens blijkt uit de 'bank-lending-survey' over het eerste kwartaal van diezelfde ECB, dat de banken in de eurozone hun condities met betrekking tot de kredietverlening (verder) hebben versoepeld. Bovendien is de vraag naar kredieten door het niet-financiële bedrijfsleven toegenomen. Dit kan als positief worden gezien voor de economische vooruitzichten van de eurozone. Ook het herstel in april van de zogeheten ZEW-index voor Duitsland en de eurozone wijst daarop. De index zegt iets over de investeringsbereidheid van beleggers in de regio. Overigens zijn er ook wel wat risico's en die liggen vooral in Zuid-Europa (verkiezingen in Spanje en weer moeizame onderhandelingen met Griekenland) en het Verenigd Koninkrijk (referendum over een BREXIT). Deze risico's hebben bijgedragen aan dalende obligatiekoersen en stijgende obligatierentes.

Voorzichtigheid troef bij vooruitzichten van bedrijven

De afgelopen week werden de aandelenmarkten niet alleen door het macro-sentiment beïnvloed, maar speelden ook de bedrijfsresultaten een rol. Die waren wisselend van karakter, terwijl maar weinig bedrijven positieve vooruitzichten schetsten. De vooruitzichten voor de oliebedrijven en de financiële dienstverleners zijn al geruime tijd door analisten teruggeschroefd. Dat betekent dat echt grote tegenvallers niet meer te verwachten zijn. Maar de markten kunnen nog steeds pijnlijk worden verrast door de details. Zo leverde de Amerikaanse oliedienstverlener Schlumberger resultaten die met 40 dollarcent per aandeel redelijk in lijn waren met de verwachtingen, maar wel 60% lager dan vorig jaar. Het bedrijf heeft echter heel veel last van het teruglopende aanbod van olie en dat betekende nog eens 3000 ontslagen bovenop de 90.000 die eerder al aangekondigd waren. In Nederland wist Akzo-Nobel de nettowinst met 50% op te voeren tot EUR 240 miljoen, ondanks een daling van de omzet met 4% door negatieve valuta-effecten. Hoewel het bedrijf sprak van uitdagende (lees: moeilijke) marktomstandigheden, steeg het aandeel na de publicatie met 5,3%. In de luchtvaartsector ging het gerucht dat Air France-KLM de Spaanse branchegenoot Air Europa wil overnemen. Beide ondernemingen participeren al binnen Skyteam. Air Europa brengt veel (vakantie)reizigers van Spanje naar Parijs en Amsterdam, waar Air France-KLM ze weer intercontinentaal verder vervoert. De bedrijfsresultaten van ASML vielen wat tegen. Hoewel het bedrijf in het eerste kwartaal 28 nieuwe chipmachines en 5 gebruikte systemen heeft verkocht, viel de daling van de omzet met EUR 300 miljoen tot EUR 1,3 miljard wat tegen. Dat laatste gold ook voor de omzetverwachting van EUR 1,7 miljard voor het tweede kwartaal.

De AEX sloot donderdag op 453,47 punten, een stijging van 0,64% ten opzichte van vorige week vrijdag. Daarmee bleef de Amsterdamse index fors achter bij de Duitse DAX (3,8%) en de Franse CAC-40 (2%) en lag de stijging meer in lijn met de Amerikaanse markt. Op vrijdagmorgen bewoog de index net boven de 450 punten.

Een drukke cijferweek voor de boeg

De komende week is een zeer drukke week, zowel op het gebied van de bedrijfsresultaten, als op macro-economisch gebied. Zo verschijnen er komende week veel vertrouwensindicatoren, zowel van ondernemers als van consumenten. Interessant is de index van het Belgische ondernemersvertrouwen in april omdat het vaak een goede indicatie blijkt te zijn van het ondernemersvertrouwen in andere Europese landen. Eenzelfde indicator zal vervolgens worden gepubliceerd in de Europese Unie als geheel en ook in Duitsland (Ifo), Italië en Nederland. Daarnaast worden er de komende week veel gegevens gepresenteerd over het sentiment onder inkoopmanagers in de dienstensector in april in heel veel landen. Het consumentenvertrouwen over april komt de komende week uit de Verenigde Staten (zowel van de Conference Board, als van de universiteit van Michigan), Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. In de Europese Unie verschijnt de zogeheten Economic Sentiment Indicator over april, een combinatie van producenten- en consumentenvertrouwen. Verder komen er uit de Verenigde Staten nieuwe cijfers over de orders voor duurzame goederen en over de verkopen in de detailhandel uit Duitsland en Japan in maart. Interessant voor het toekomstige beleid van de ECB zijn de definitieve inflatiecijfers over april, die in de eurozone als geheel, Duitsland, Frankrijk en Italië, verschijnen. Eveneens interessant zijn de bijstellingen in de groei van het Bruto Binnenlands Product in een groot aantal landen en tot slot de uitkomsten van de beleidsvergadering van de Amerikaanse Federal Reserve.

Op het terrein van de bedrijfsresultaten valt vanwege het grote aantal bedrijven geen volledigheid te bereiken. De belangrijkste bedrijven zijn naar mijn mening op internationaal niveau de oliebedrijven Chevron, Exxon Mobil, Total, BP en Statoil. Verder kijken we natuurlijk met interesse naar Apple en Facebook en naar Amazon en eBay. En tenslotte naar de financiële dienstverleners Deutsche Bank en Mastercard en een aantal farmaceutische bedrijven, waaronder Glaxo SmithKline, Astra Zenica en Gilead Sciences. In Nederland zullen we met belangstelling uitkijken naar de resultaten over het eerste kwartaal van DSM, KPN, Randstad en TNT Express.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs