Het trage herstel van de eurozone

Blog -

Europa landkaart

De economie van de eurozone is in het derde kwartaal slechts 0,1% gegroeid (tweede kwartaal: 0,3%) en de uitvoer gaat gebukt onder de dure euro. Dat betekent volgens ons niet dat de weg naar herstel doodloopt, maar wel dat het nogal langzaam gaat, in ieder geval niet snel genoeg om de inflatie op te drijven naar het prijsstabiliteitsdoel van de ECB. De eurozone hinkt achter andere geavanceerde economieën  met een proactiever monetair beleid aan, zoals de VS, Groot-Brittannië en zelfs Japan.

De economie van de eurozone is in het derde kwartaal slechts 0,1% gegroeid en de uitvoer gaat gebukt onder de dure euro. Nick Kounis Nick Kounis Hoofd Macro Research

Herstel eurozone schiet nog niet op
Conform de verwachtingen is het BBP van de Eurozone in het derde kwartaal slechts 0,1% gegroeid, na een plus van 0,3% een kwartaal eerder. Dit komt deels door gewone schommelingen, want de stemming onder bedrijven en gezinnen wordt geleidelijk steeds beter. Wij denken dan ook niet dat het derde kwartaal de opmaat voor een nieuwe recessie vormt, wel dat eruit blijkt dat het herstel in de eurozone een kwestie van lange adem wordt. De stijgende werkloosheid en de schuldreductie in de banksector blijven de binnenlandse vraag remmen, terwijl de duurdere euro de export remt. Toch verwachten we door herstel van de wereldeconomie, minder bezuinigingen en minder onzekerheid voor de toekomst een gematigde groei.

BBP-groei in geselecteerde landen in K3

Italië en Frankrijk hekkensluiters in derde kwartaal
Als we naar de afzonderlijke landen kijken, zien we dat in de meeste landen de recessie voorbij lijkt, al blijven Italië en Frankrijk duidelijk achter bij de andere grote lidstaten (zie grafiek). Duitsland en België (beide +0,3%) lopen voorop, gevolgd door Portugal (+0,2%), Nederland en Spanje (beide +0,1%). Italië en Frankrijk zijn gekrompen (-0,1%) en Frankrijk is zelfs nog in recessie. Gewone schommelingen in de cijfers kunnen (zeker bij Frankrijk) een rol spelen, maar volgens ons zijn er ook dieper liggende, structurele oorzaken aan te wijzen. Van de perifere landen valt Italië op doordat het nog steeds niet begonnen is met de noodzakelijke interne devaluatie om het concurrentievermogen te herstellen. Ook Frankrijk loopt achter met structurele hervormingen.

Eurozone achter bij andere geavanceerde economieën
De eurozone als geheel – en zelfs de best presterende landen – haalde in het derde kwartaal niet de groeicijfers van andere grote, geavanceerde economieën. Zo is de Britse economie met 0,8% gegroeid en de Amerikaanse met 0,7%. Zelfs Japan deed het beter. Daar groeide het BBP met 0,5%, wat wel duidelijk minder was dan de 0,9% in het tweede kwartaal. Deze landen hebben gemeen dat zij hun monetair beleid veel meer verruimd hebben dan de eurozone, waardoor de euro steeds sterker was dan hij ander geweest zou zijn. De Amerikaanse en Britse banken hebben de afgelopen kwartalen ook hun kredietvoorwaarden versoepeld, in de eurozone zijn die juist aangescherpt. De Amerikaanse autoriteiten hebben in 2009 direct geloofwaardige stresstests op de banken uitgevoerd en hun herkapitalisatie bevorderd. De Britse regering en centrale bank hebben actief programma’s uitgevoerd om de beschikbaarheid van krediet te stimuleren. Japan is uiteraard een geval apart, maar het leidt geen twijfel dat het revolutionaire monetaire beleid van de BoJ tot een enorme versoepeling van financiële condities en herstel van het vertrouwen heeft geleid, ondanks het feit dat de regering Abe daar helaas geen structurele hervormingen op heeft laten volgen.

Eurozone moet meer doen
Dit alles leert ons dat de bestuurders van de eurozone er goed aan zouden doen een proactiever groeibeleid te voeren. Het intensiveren van de structurele hervormingen is op (middel)lange termijn de beste groeimotor, maar tot die tijd zou een meer accommoderend monetair beleid een belangrijke eerste stap zijn, vooral nu de inflatie onaangenaam laag begint te worden. De economie is duidelijk nog niet genoeg hersteld om de inflatie binnen afzienbare tijd in de buurt van het doel van de ECB voor prijsstabiliteit te brengen. Wij verwachten in december een duidelijker beleidsindicatie van de ECB, die eigenlijk meer zou moeten doen. Dat de ECB de banken nu grondig gaat doorlichten is zeer welkom, maar het is jammer dat dit proces een heel jaar gaat duren.  

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op