ECB houdt vast aan QE

Blog -

Europese Centrale Bank Frankfurt

Deze week houdt de ECB haar eerste vergadering sinds ze is begonnen activa uit de publieke sector op te kopen. Bij de persconferentie staat president Draghi voor de taak de effecten van de kwantitatieve verruiming (quantitative easing – QE) en de vooruitzichten voor de economie gunstig voor te stellen, maar ook weer niet té gunstig. Waarschijnlijk gaat hij zeggen dat de centrale bank in ieder geval tot september 2016 met het aankoopprogramma doorgaat en drukt hij speculatie over beperking of beëindiging van het programma de kop in. Dit zal echter een stuk moeilijker worden naarmate de economie later dit jaar, en zeker in 2016, verder aantrekt.

Bij de persconferentie staat Draghi vooral voor de taak communicatief het juiste midden te vinden Nick Kounis Nick Kounis Hoofd Macro Research

Eerste vergadering ECB-bestuur na goede start QE

Deze week houdt de raad van bestuur zijn eerste vergadering over het monetair beleid sinds de ECB met het programma voor de aankoop van activa uit de publieke sector (PSPP) is begonnen. Dat programma heeft geleid tot een verdere verruiming op de financiële markten, en viel bovendien samen met een periode waarin de macrocijfers de consensusverwachting overtroffen.

Draghi moet het juiste midden vinden

Bij de persconferentie staat Draghi vooral voor de taak communicatief het juiste midden te vinden: enerzijds moet hij een positief geluid laten horen over de gevolgen van QE en de vooruitzichten voor de economie. Daarmee stimuleert hij zowel het vertrouwen als de inflatieverwachtingen. Anderzijds moet hij de indruk vermijden dat het te goed gaat.

Beleggers speculeren nu al over het einde van QE

Als de indruk wordt gewekt dat het te goed gaat, kan dit tot speculaties over voortijdige beperking of beëindiging van het programma leiden. Onder obligatiebeleggers wordt hierover inderdaad al volop gediscussieerd. Bovendien heeft ECB-directielid Yves Mersch afgelopen week nog gezegd dat de ECB het tempo van de aankopen zou kunnen aanpassen als zij haar inflatiedoelen eerder dan verwacht lijkt te bereiken.

Geen beperking of beëindiging voor Draghi

Wij denken echter dat Draghi, anders dan Mersch, niet zal speculeren over een eventuele beperking of een vervroegd einde van het PSPP. Waarschijnlijk houdt hij vast aan de lijn dat de centrale bank tot minimaal september 2016 activa blijft opkopen. Het is immers nog veel te vroeg om nu al met zekerheid te kunnen stellen dat de ECB haar inflatiedoel voor de lange termijn gaat halen. De kerninflatie is nog altijd erg laag en het economisch herstel staat nog in de kinderschoenen. Het zou gekkenwerk zijn om alles op het spel te zetten door te zinspelen op minder QE. Gezien de grote impact die het programma op de financiële markten heeft gehad, zou dat tot een abrupte correctie kunnen leiden. En daarmee zou de ECB in één klap terug bij af zijn.

Later wordt het waarschijnlijk lastiger

Wij denken dan ook dat de Draghi het idee van een mogelijke koerswijziging de kop zal indrukken en erin zal slagen de verwachtingen van de markt in deze richting te sturen. Later dit jaar en in 2016 gaat dat waarschijnlijk niet meer zo gemakkelijk. Wij verwachten dat de economie de komende kwartalen sneller groeit dan tot nu toe werd aangenomen. Bovendien zal de inflatie later dit jaar toenemen, doordat het effect van de gedaalde energieprijzen uit de vergelijking wegvalt. Die stijging zet door in 2016, als de waardedaling van de euro begint door te werken in de consumentenprijzen.

Beginnen de haviken zich weer te roeren?

Op dat moment beginnen ook de haviken binnen de raad van bestuur zich mogelijk weer te roeren. Maar zelfs als de ECB tot september 2016 met het programma doorgaat, zullen beleggers waarschijnlijk gaan anticiperen op beëindiging. We verwachten daarom dat de obligatierentes en de euro dit jaar verder dalen, maar volgend jaar weer stijgen.

Komen meer beleggingscategorieën in aanmerking?

Een ander belangrijk punt waarover Draghi vragen zou kunnen krijgen, is of de ECB van plan is het PSPP uit te breiden tot meer beleggingscategorieën. Uit vorige week gepubliceerde cijfers blijkt dat de ECB in maart haar beoogde maandelijkse aankopen van EUR 60 miljard heeft gehaald. Bovendien is de verdeling over de nationale overheden min of meer volgens de kapitaalsleutel is verlopen. In de toekomst wordt dat echter moeilijker, omdat de ECB schaarste creëert, met name van obligaties uit de kernlanden. Als de obligatierentes verder in de min duiken, komen minder activa in aanmerking. Neem bijvoorbeeld vierjaars Duitse staatsobligaties. De rente daarop daalde vorige week kort onder de grens van -20bp waarboven ze door de Bundesbank aangekocht mogen worden. De ECB zou te zijner tijd kunnen besluiten de lijst overheidsinstellingen uit te breiden, waarvan de nationale centrale banken obligaties mogen kopen.

Ook beleid Fed van belang voor ECB

De uiteindelijke omvang van het QE-programma van de ECB wordt, behalve door de groei en de inflatie in de eurozone, ook beïnvloed door het monetair beleid van de Fed. Dat komt doordat de besluiten van de Fed van invloed zijn op de dollarkoers. In verder gelijke omstandigheden geldt dat, hoe langer de Fed wacht met renteverhogingen, hoe duurder de dollar wordt en omgekeerd. Dus zolang de Fed de rente niet verhoogt, moet de ECB, vanwege de relatief goedkope euro, meer activa opkopen om dezelfde mate van stimulering te bereiken.

Notulen FOMC duiden op renteverhoging in 2015

Uit de notulen van maart die vorige week gepubliceerd werden, blijkt dat bijna alle leden van het FOMC, het beleidscomité van de Amerikaanse centrale bank (Federal Reserve), een renteverhoging in 2015 wenselijk vinden. De meningen waren echter verdeeld over het tijdstip van de eerste rentestap: al in juni of pas later dit jaar. Over de manier waarop was men het wel eens: als eenmaal met verkrapping wordt begonnen, dan zal de cyclus een relatief geleidelijk verloop kennen. Wij denken dat de Fed in september de rente voor het eerst verhoogt en vervolgens om en om – elke tweede beleidsvergadering – tot een nieuwe verhoging besluit. Naar historische maatstaven is dit een geleidelijk tempo.

Positieve geluiden over Griekenland

Tussen de zeer beladen politieke retoriek, het bezoek van de Griekse premier aan Rusland en het gespeculeer over een Grexit door was er vorige week ook goed nieuws over Griekenland. Volgens EU-functionarissen werd er achter gesloten deuren vooruitgang geboekt bij de onderhandelingen tussen Griekenland en de andere partijen. Men vertrouwde erop dat er vóór het einde van de maand een akkoord zou liggen. Dit akkoord moet uitkering van steungelden aan Griekenland mogelijk maken en Griekse banken uiteindelijk weer toegang tot de reguliere herfinancieringstransacties van de ECB geven. De streefdatum voor een akkoord lijkt de vergadering van de Eurogroep, die voor 24 april is gepland.

De Griekse wedloop tegen de tijd

En 24 april zou geen moment te vroeg zijn! Want hoewel het Griekenland deze week lukte het IMF te betalen, raakt het geld op. De banken hebben bovendien een liquiditeitsprobleem, omdat de Grieken op grote schaal hun tegoeden opnemen. De ECB heeft de bovengrens voor noodliquiditeitssteun aan Griekse banken deze week met EUR 1,2 miljard verhoogd naar ruim EUR 73 miljard.

Tekenen van hernieuwd herstel van wereldeconomie

De economie van de eurozone doet het weliswaar beter dan verwacht, maar de groei van de wereldeconomie lijkt rond de jaarwisseling flink te zijn afgezwakt. Wij wijten dit vooral aan bijzondere factoren, zoals uitzonderlijk slecht weer in delen van de VS en havenstakingen aan de Amerikaanse westkust. Er waren vorige week tekenen van een opleving in de VS. Zo is de Markit PMI voor zowel de industrie als de dienstensector in maart gestegen en vertoonde ook de mondiale PMI voor alle sectoren een aanzienlijke, aanhoudende stijging. Bovendien daalde vorige week in de VS het aantal uitkeringsaanvragen (vierweeks-gemiddelde) naar de laagste stand sinds juni 2000. Dat wijst erop dat het slechte banencijfer (ex agri) van afgelopen week een afwijking was en niet het begin van een nieuwe trend markeerde.

Het ziet er goed uit voor de eurozone

Zoals gezegd lijkt de eurozone een van de weinige economieën die het in het eerste kwartaal behoorlijk presteerde. Vooral de consumptieve bestedingen deden het goed. De detailhandelsverkopen daalden in februari weliswaar met 0,2%, maar die daling volgde op een stijging van 0,9% in januari en 0,6% in december. Deze reeks fluctueert altijd flink en de slechts geringe terugslag in februari wijst op een sterke onderliggende trend. De lagere olieprijzen, de gunstiger kredietvoorwaarden en het toenemende vertrouwen onder huishoudens dat de arbeidsmarkt weer aantrekt, versterken de consumptieve vraag. De Duitse industriële orders vielen in februari weliswaar tegen, maar door de goedkopere euro en de toegenomen mondiale vraag verwachten we dat ook de industrie het de komende maanden goed zal doen.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op