Geen richting te ontdekken in de beurzen

Blog -

Doolhof labyrint

De toonaangevende aandelenbeurzen vertoonden de afgelopen week een weinig voorspelbaar beeld. In Europa waren de koersbewegingen verschillend en was er vooral bezorgdheid over de situatie in en de vooruitzichten voor China. In de Verenigde Staten overheerste een positief gevoel, ondanks nog steeds verstoorde cijfers door het strenge winterweer van december en januari.

Op macro-economisch gebied is het vooral uitkijken naar vertrouwensindicatoren. Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

In de Verenigde Staten daalde de Dow Jones ten opzichte van afgelopen vrijdag met 0,1%, terwijl de bredere S&P-500 met hetzelfde percentage steeg. De technologiebeurs Nasdaq steeg zelfs met 0,6%, als uitvloeisel van positieve ontwikkelingen in de ICT-sectoren.
Een voorbeeld daarvan was Hewlett Packard, dat uitstekende afzetgegevens bekend maakte. Deze afzetgroei wordt toegeschreven aan een krachtige vervangingsvraag, die nodig is omdat veel bedrijven hun investeringen in ICT-hardware en –software de afgelopen jaren hebben uitgesteld. Bovendien ondersteunt Microsoft Windows XP niet meer, waardoor veel bedrijven versneld overgaan op Windows 8.

Niettemin wordt het beeld in de Verenigde Staten nog steeds beheerst door het slechte winterweer. Uiteraard heeft vooral de woningbouw (het aantal in aanbouw genomen woningen) daar last van, maar ook het producentenvertrouwen (bijvoorbeeld de Philadelphia Fed index) heeft er duidelijk onder te lijden. Daar staat tegenover dat de bredere inkoopmanagersindex in februari een stijging liet zien, na een gevoelige daling in januari.

In Europa overheerst de vrees voor een terugval in de economische groei in de opkomende landen, vooral in China. De Europese aandelenbeurzen vertoonden een verschillende ontwikkeling met per saldo stijgingen in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk en dalingen in Duitsland en Nederland. 

AEX nadert wederom de 400 punten
De bedrijfsresultaten die de afgelopen week werden gepubliceerd waren gemengd van karakter. Daarnaast waren er ook andere ontwikkelingen die een negatieve invloed hadden op het beurssentiment. Het Amerikaanse Wal-Mart was zo’n bedrijf dat weliswaar resultaten publiceerde die in lijn waren met de gemiddelde analistenverwachtingen, maar tegelijkertijd de vooruitzichten zag verslechteren. Dat laatste heeft te maken met de positionering van Wal-Mart met zijn mega-winkels, terwijl Amerikaanse consumenten in toenemende mate een voorkeur voor kleinere supermarkten in de eigen buurt ontwikkelen. Daarnaast werkt het afbouwen door de Amerikaanse overheid van de voedselbonnenprogramma’s negatief door op de verwachte omzet.

In Nederland werd SBM-Offshore in verband gebracht met omkopingsschandalen in Brazilië en dat bepaalde in het begin van de week het beursklimaat nogal. Ook tegenvallende cijfers van Randstad en TNT-Express met daarnaast ook nog eens uitspraken over tegenvallende vooruitzichten deden de Nederlandse aandelenmarkt geen goed. Met name Randstad moest het ontgelden, met een verlies van ruim 10% op donderdag. Ondanks de daling sloot het aandeel op € 44, wat toch meer dan vier maal zo hoog is als op het dieptepunt van de crisis in 2009.

De dominante factor op de Europese beurzen en ook voor de AEX was echter de vrees over de vooruitzichten voor de Chinese economie. Zowel het producentenvertrouwen (dat blijft dalen) als de ontwikkeling binnen de schaduwbanken (waardoor een enorme overcapaciteit binnen de economie zou bestaan) blijft de aandacht opeisen. Naar onze mening is de inkoopmanagersindex (die een maatstaf is voor het producentenvertrouwen) in China een minder goede graadmeter voor de daadwerkelijke vooruitzichten dan vergelijkbare indices in de Verenigde Staten en Europa. De situatie binnen de schaduwbanken lijkt ons wat overdreven, in het licht van de omvangrijke activa die ook binnen de Chinese economie bestaan. De Chinese autoriteiten moeten in staat worden geacht deze problemen op te lossen.

Resultaten van Nederlandse bedrijven bepalen het beeld
De komende week zal worden gedomineerd door Europese – en ook Nederlandse – bedrijven. Daarnaast verschijnen er op macro-economisch gebied veel gegevens over vertrouwensindicatoren – zowel van producenten als van consumenten. De week wordt afgetrapt met de vierdekwartaalcijfers van PostNL, maar in de loop van de week volgt er nog een stroom andere Nederlandse bedrijven. Dat betreft de AEX-bedrijven Ahold, DSM en Reed Elsevier. Voorts zullen kleinere bedrijven als Aalberts, ASMI, Heijmans, Ten Cate en de uitzenders USG People en Brunel hun resultaten presenteren en vermoedelijk ook wel wat melden over de vooruitzichten. Uit de rest van Europa kijken we met interesse naar de Duitse chemiebedrijven Bayer en BASF. Daarnaast komt Home Depot als een van de laatste Amerikaanse bedrijven met cijfers.

Op macro-economisch gebied is het vooral uitkijken naar vertrouwensindicatoren. In Frankrijk, Italië en Duitsland wordt het ondernemersvertrouwen gepubliceerd, waarbij vooral de Ifo-index uit Duitsland maatgevend is en over het algemeen een goede indicatie verschaft. Daarnaast zal ook in België en Nederland het ondernemersvertrouwen worden gepresenteerd. Het Belgische ondernemersvertrouwen wordt wel vaak gezien als een goede voorlopende indicator voor de rest van Europa. Ook consumenten zullen van zich laten spreken. Dit geldt voor – wederom – Italië, Frankrijk en Duitsland. Maar ook in de Verenigde Staten (Michigan) en het Verenigd Koninkrijk zal de stemming onder consumenten worden gepubliceerd. Ten slotte zullen er in veel landen inflatiecijfers worden gepresenteerd. Vooral in Europese landen is dit interessant, met het oog op dreigende deflatie en de reactie daarop van de Europese Centrale Bank.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op