Goede Amerikaanse cijfers overtroffen door Chinese afkoeling

Blog -

Cijfers in het blauw

De mondiale financiële markten zijn de afgelopen week weer in een situatie van risico-aversie terechtgekomen. De situatie in Oekraïne en de Krim houdt de gemoederen bezig maar afkoelingsverschijnselen van de Chinese economie lijken daarbij zeker zo belangrijk.

Slechte cijfers die deze week over de Chinese economie verschenen verklaren de negatieve stemming op de beurzen. Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

De afkerigheid van risico bij beleggers was zichtbaar op zowel de aandelenmarkten als op de obligatiemarkten. De aandelenkoersen zijn in de Verenigde Staten en Europa gemiddeld genomen met 2% à 3% gedaald, in Duitsland zelfs met ruim 3,5%. In de situatie rondom de Krim is afgelopen week niet heel veel gewijzigd en het bleef bij verbaal geweld van Europese landen en de Verenigde Staten, die stelden dat een referendum in (alleen) de Krim en uitgeroepen door Rusland in strijd is met de Oekraïnse grondwet. Het wachten is dus op komende zondag als de burgers van de Krim daadwerkelijk naar de stembus gaan. Een gewapend conflict lijkt echter niet waarschijnlijk. Een andere factor is volgens mij dan ook belangrijker geweest als verklaring voor de negatieve stemming op de beurzen en dat is een reeks slechte cijfers die deze week over de Chinese economie verschenen. Dat verklaart ook waarom de Aziatische beurzen zoveel sterker daalden: de Japanse Nikkei-225 met ruim 6% en de Hang Seng met 5%. In februari is de Chinese export met 18% gedaald ten opzichte van een jaar eerder en de groei van de industriële productie liep in dezelfde maand terug tot ruim 8,5% vergeleken met januari. Naar onze mening moeten deze cijfers overigens niet worden gedramatiseerd. Enerzijds is deze ontwikkeling in overeenstemming met het Chinese beleid om meer nadruk te leggen op de particuliere consumptie ten koste van de investeringen en de export. En anderzijds achten wij het niet waarschijnlijk dat de economische groei in China tot ver onder de doelstelling van 7,5% zal uitkomen.

Nederlandse bedrijven op overnamepad
Afgelopen week betrof het nieuws van Nederlandse bedrijven hoofdzakelijk overnames, terwijl er nog een paar waren die hun resultaten over het vierde kwartaal van 2013 publiceerden. De AEX bleef onder de 400 en sloot donderdag zelfs op 386 punten. Verschillende Nederlandse bedrijven waren de afgelopen week op het overnamepad. Unilever kocht de Chinese waterzuiveraar Qinyuan. Hoewel de overnamesom niet bekend is gemaakt, is het de grootste overname van Unilever in China in 10 jaar. De omzet van Qinyuan is met € 140 miljoen slechts 0,3% van die van Unilever, maar het is een strategische overname die goed past bij de Nederlandse dochter Pureit, die in dezelfde sector actief is. Deze markt is de afgelopen drie jaar met 20% per jaar gegroeid. Aalberts deed eveneens een strategische zet met de overname van het Amerikaanse Nexus Valve, marktleider op het gebied van klimaatbeheersing in gebouwen. Het bedrijf genereert een omzet van $ 20 miljoen met 60 werknemers. Ahold tenslotte nam de Sparwinkels in Tsjechië over voor € 190 miljoen, waardoor het aantal winkels met 50 toeneemt tot 334. Boskalis, Twentse Kabel Holding (TKH) en Fugro presenteerden hun resultaten over het vierde kwartaal van het afgelopen jaar. De cijfers van Fugro waren uitermate zwak, vooral omdat de divisie Geoscience zeer slecht presteerde. De divisie Geotechnical had een tegenvallende omzet maar wel een solide winstgevendheid, terwijl dat bij de divisie Survey precies andersom was. De resultaten van TKH waren meer in lijn met de verwachtingen en bij Boskalis waren de resultaten iets beter dan de verwachtingen. De portefeuille van orders, die nog onderhanden zijn, was echter teleurstellend laag.

Veel emissie-activiteit op de obligatiemarkt
Ook de obligatiemarkt weerspiegelde het negatieve sentiment. De koersen stegen, enerzijds als uitvloeisel hiervan, anderzijds ook door sterke emissie-activiteit. Positieve economische cijfers uit de Verenigde Staten, waar de winter eindelijk lijkt weg te trekken, zouden eigenlijk voor opwaartse druk op de rente moeten zorgen. Toch kwam wereldwijd de rente onder neerwaartse druk. Daarvoor waren drie oorzaken. In de eerste plaats blijven centrale banken duidelijk aangeven dat zij voorlopig een lage rente nastreven. In de tweede plaats leidt de risico-aversie bij beleggers tot het opzoeken van de traditionele veilige havens (Duitse bunds en Amerikaanse treasuries). En in de derde plaats profiteerden veel emittenten van de lage rente via de uitgifte van nieuwe leningen waarnaar veel vraag was. Voorbeelden hiervan waren Ierland met een 10-jaarslening (€ 1 miljard tegen 2,97%), de Verenigde Staten met een 3-jaars en een 10-jaarslening (respectievelijk $ 30 miljard en $ 21 miljard tegen respectievelijk 0,8% en 2,73%). Ook Italië en het Verenigd Koninkrijk gingen met succes de markt op tegen tarieven, die evenals voor Ierland en de Verenigde Staten onder de tarieven lagen, die recent nog moesten worden geboden. Overigens beperkte de emissie-activiteit zich niet tot staatsleningen. Ook bedrijven gaven met succes nieuwe leningen uit, hoewel het aanbod niet groot genoeg was om aan alle vraag te voldoen.

Komende week een nadruk op macrocijfers
Het resultatenseizoen loopt nu echt ten einde en de aandacht zal daarmee verschuiven naar de macro-economische indicatoren. Ook de situatie op de Krim zal na het referendum op zondag de aandacht blijven vangen. Twee bedrijven zullen de komende week hun resultaten nog presenteren. In Nederland is dat Imtech en in de Verenigde Staten kijken we met belangstelling naar de resultaten van Nike. Op macro-economisch terrein is de publicatie van inflatiecijfers over februari in de eurozone erg belangrijk. Een verder terugvallende inflatie kan voor de Europese Centrale Bank reden zijn om een stimulerender beleid te gaan voeren. Overigens komen er ook inflatiecijfers uit de Verenigde Staten. Daarnaast worden er gegevens gepubliceerd over het consumentenvertrouwen in de Europese Unie en ook in Nederland, die een indicatie kunnen geven over de koopbereidheid van de bevolking. In Duitsland verschijnt de zogeheten ZEW-indicator die iets zegt over de bereidheid van investeerders om in Duitsland (en de eurozone) te investeren. In de Verenigde Staten worden gegevens gepubliceerd over de industriële productie in februari en de eerste gegevens over maart van de stand van de conjunctuur in de regio rond Philadelphia (de philly fed index). En het wachten is natuurlijk op de uitkomst van het referendum in de Krim hoewel het zou verbazen als de bevolking een aansluiting bij Rusland zou afwijzen.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op