Wereldeconomie: hoe nu verder?

Blog -

Zakenman kijkt uit op een stad

Na de angst over de geringe groei in China en de opkomende markten die dit jaar de kop opstak, is de volgende grote vraag hoe dit alles uitpakt voor de welvarende economieën. Wij denken dat de gevolgen beheersbaar blijven. De eurozone is waarschijnlijk iets minder gevoelig voor de negatieve gevolgen van een groeivertraging in de opkomende markten dan de VS, maar grosso modo verwachten we dat de wereldeconomie de komende kwartalen meer in evenwicht raakt.

Verbetering van het economisch klimaat in deze landen hangt vooral af van de ontwikkeling van de wisselkoersen Han de Jong Han de Jong Chief Economist

Groeivertraging China raakt andere economieën

De Chinese economie is dit jaar sterker vertraagd dan verwacht. De feitelijke groeicijfers zijn voer voor discussie, maar de effecten van de vertraging komen duidelijk tot uiting in de grondstoffenprijzen, de economische neergang in landen die afhankelijk zijn van de uitvoer naar China en de Chinese handelscijfers.

De aanvankelijk bijna panische angst is intussen wat gezakt en volgens ons terecht. De woningmarkt, een cruciale sector van de Chinese economie, stabiliseert zich en groeit weer hier en daar. Landen die afhankelijk zijn van de uitvoer naar China hebben dit jaar flinke klappen gekregen, want de Chinese invoer is sterk gekrompen. Dit is deels te wijten aan prijseffecten (de grondstoffenprijzen zijn gedaald), maar ook in reële termen voerde China minder in.

Het lijkt mij redelijk te veronderstellen dat de zwakke invoer mede een gevolg is van Chinees beleid. Door de invoer te beperken, stimuleren de beleidsmakers de binnenlandse bedrijvigheid. Dat gaat uiteraard ten koste van de handelspartners. Maar als wij gelijk hebben en de Chinese groeivertraging de komende maanden gematigd blijft, dan zouden ook de handelspatronen zich moeten normaliseren, wat goed is voor de economieën van de handelspartners.

Teleurstelling in OM en weinig speelruimte

Een aantal opkomende markten (OM) is in recessie geraakt en ziet kapitaal het land uitstromen, waardoor het financiële klimaat verslechtert. Nog maar een jaar of twee geleden werd er beweerd dat de opkomende economieën een stabieler en zekerder beeld begonnen te vertonen dan de welvarende economieën. Die inschatting was duidelijk voorbarig.

De vraag is nu wat de beleidsmakers in de opkomende markten kunnen doen. Het antwoord luidt: niet veel. Er is veelal weinig ruimte voor begrotingsbeleid en in sommige landen is de inflatie gestegen, wat een ruimer monetair beleid blokkeert. Ik moet bekennen dat er tussen de diverse landen grote verschillen bestaan. De financiële stelsels van de meeste opkomende markten staan de laatste tijd onder druk door een uitstroom van kapitaal. En omdat er afgelopen jaren grote hoeveelheden geld in de opkomende economieën zijn gestroomd, kan die uitstroom nog wel even aanhouden. Gelukkig beschikken de meeste opkomende economieën over grote valutareserves. Na de Aziëcrisis van 1997-1998 zijn ze met de opbouw daarvan begonnen. Sommige van deze reserves hebben een in mijn ogen belachelijke omvang bereikt, maar het is nu in ieder geval een goed moment om ze aan te spreken. En dat doen de beleidsmakers ook. Sinds eind vorig jaar zijn de Chinese valutareserves met USD 330 miljard afgenomen en sinds het hoogtepunt in juni 2014 met zo’n USD 480 miljard. Dat zijn flinke bedragen. Maar de Chinezen hebben nog meer dan genoeg over (in september USD 3.514 miljard, om precies te zijn).

Tabel: Nationale valutas tegenover USD

Verbetering van het economisch klimaat in deze landen hangt vooral af van de ontwikkeling van de wisselkoersen. De meeste valuta’s van OM zijn de afgelopen twaalf maanden fors in waarde gedaald ten opzichte van de dollar (al is er de laatste twee weken hier en daar een kentering zichtbaar). Tijdens de Aziëcrisis eind jaren 1990 verloren deze valuta’s veel meer terrein (maar de economische problemen in de regio waren ook veel groter). Het duurde toen ongeveer een jaar voordat dit zich uitbetaalde in een verbetering van de concurrentiepositie en de economische bedrijvigheid. Hoewel de wereld sindsdien ingrijpend is veranderd, hoop ik dat zoiets nu opnieuw gebeurt.

Europa en VS houden desondanks stand

Hoeveel last hebben de welvarende economieën van de vertraging in de opkomende markten? Diverse factoren spelen hierbij een rol. Ten eerste zijn de OM veel groter dan ze ooit zijn geweest, wat pleit voor een relatief sterk effect. Ten tweede heeft het herstel in de VS en Europa een vrij brede basis, waardoor ze juist minder kwetsbaar zijn. Ten derde is de eurozone waarschijnlijk minder kwetsbaar dan de VS, omdat de handelgewogen koers van de euro de afgelopen twaalf maanden is gedaald, terwijl de dollar is gestegen. Ten vierde presteert de industrie momenteel wereldwijd verrassend zwak, al moet je wel door de cijfers heen kijken. De terugval kwam onverwachts en heeft bedrijven mogelijk verrast. Die reageren doorgaans vrij heftig, omdat ze hun eventuele voorraden moeten reduceren. Dit zou slechts een tijdelijke factor moeten zijn.

De cijfers lijken deze factoren te weerspiegelen. In de VS zijn de voorraden toegenomen, terwijl de industriële productie trager groeit en het ondernemersvertrouwen is gedaald. Ik denk dat dit proces is doorgeschoten en voorzie een stabilisatie.

De Duitse cijfers vielen afgelopen week tegen. De Duitse uitvoer, industriële productie en industrieorders waren in augustus allemaal lager dan verwacht. De zwakte van de opkomende markten lijkt zijn tol te eisen. Aan de andere kant: de Duitse cijfers willen nogal eens fluctueren en er lijkt bovendien iets veranderd in het Duitse vakantiepatroon. Vorig jaar vielen de cijfers van augustus ook sterk tegen, maar dat bleek tijdelijk. Bovendien doen andere delen van de eurozone het nog steeds vrij goed.

Conclusie

Al met al verwacht ik dat de opkomende economieën zich de komende maanden stabiliseren en in de loop van volgend jaar weer harder gaan groeien. In de welvarende economieën zien we waarschijnlijk iets soortgelijks. De negatieve gevolgen van de zwakte in de opkomende markten blijven op korte termijn wel merkbaar, maar in de loop van 2016 zal de groei waarschijnlijk aantrekken.

Tegenvallende groei, onzekerheid, dalende inflatie en volatiele financiële markten: voor de centrale banken allemaal redenen om hun beleid niet te verkrappen. We denken daarom dat de Fed de rente pas later gaat verhogen. Bovendien verwachten we dat de ECB en de Japanse centrale bank (BoJ) hun monetaire stimulering nog verder gaan opvoeren.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs