Zie ginds komt de divergentie

Blog -

Wereldbol schijnt op administratie

De laatste keer dat het monetaire beleid van de Amerikaanse Federal Reserve en dat van de belangrijkste Europese centrale bank uiteenliep, was ongeveer twintig jaar geleden. December belooft ons echter deze divergentie te brengen. Omdat dit zeldzaam is en de gevolgen moeilijk te voorspellen zijn, zal zo'n ontwikkeling leiden tot extra onzekerheid op de financiële markten en mogelijk ook voor extra volatiliteit zorgen. De aanhoudende druk op de prijs van olie en andere grondstoffen is in dit verband niet bevorderlijk.

Op enkele uitzonderingen na heeft de ECB de afgelopen tijd met één stem gesproken: die van Mario Draghi Han de Jong Han de Jong Chief Economist

Wisselende cijfers

De macrocijfers van afgelopen week waren niet spannend. Het meest positieve nieuws kwam uit China. De groei van de detailhandelsomzet versnelde daar in oktober licht, van 10,9% j-o-j naar 11,0%. De geldgroeicijfers waren hoopgevend. De groei van M1 versnelde voor de zesde keer in zeven maanden, naar 14,0% (verge-leken met 11,4% in september), terwijl de M2-groei uitkwam op 13,5%, na 13,1% in september (M1 en M2 staan voor de geldhoeveelheid; de definitie van M2 is ruimer dan die van M1). Hier staat tegenover dat de groei van de Chinese industriële productie opnieuw iets verder afzwakte, van 5,7% naar 5,6% j-o-j. Ook stelde de totale verstrekking van nieuw krediet teleur. Van anekdotische waarde zijn de record-omzetten die op 'Vrijgezellendag' (zie Wikipedia voor informatie over deze dag) werden gerealiseerd. We moeten natuurlijk afwachten in hoeverre dit een positief effect zal hebben op de detailhandelscijfers over november. Je zou zeggen van wel.

Grafiek: M1-groei China

De ontwikkeling van het BBP in de eurozone in het derde kwartaal stelde iets teleur. De groei bedroeg 0,3% k-o-k, wat minder is dan in de drie voorgaande kwartalen. Op jaarbasis versnelde de groei echter licht, naar 1,6%, het hoogste percentage in ruim vier jaar. De industriële productie in de eurozone nam in september af met 0,3% m-o-m, na een daling van 0,4% in augustus. Op jaarbasis bleef de groei positief, maar daalde deze wel 2,2% in augustus naar 1,7%.

De cijfers uit de VS boden niet veel duidelijkheid over de richting waarin de economie zich ontwikkelt. De arbeidsmarkt lijkt het goed te doen. De aanvragen van werkloosheidsuitkeringen bleven stabiel op 276.000 en andere indicatoren voor de arbeidsmarkt waren positief. Daar staat tegenover dat de detailhandelscijfers voor oktober lager uitvielen dan verwacht. Het consumentenvertrouwen is volgens de voorlopige uitkomst van de index van de Universiteit van Michigan echter sterker verbeterd dan verwacht. Dit wijst erop dat de consumptieve vraag in een redelijk tempo zal blijven groeien.

Al deze cijfers zijn in overeenstemming met het beeld dat de afgelopen maanden is ontstaan: een fletse wereldwijde groei en vooral een zich zwak ontwikkelende industrie.

Grafiek: Industriele productie eurozone

ECB wil stimuleringsbeleid intensiveren

ECB-president Mario Draghi heeft tijdens zijn toespraak voor het Europees Parlement bevestigd dat hij extra maatregelen wil nemen om de economie in de eurozone te stimuleren en de inflatie weer terug te brengen op het door de ECB beoogde niveau. We kennen Draghi als iemand die zulke beloftes nakomt. Aangezien de inflatie voortdurend achterblijft bij de doelstelling en de internationale omgeving neerwaartse risico's oplevert voor het herstel, begrijp ik wel waarom Draghi dit zegt.

Toch is Draghi's expliciete belofte dat de ECB opnieuw in actie komt, interessant. Marktpartijen zijn er de afgelopen tijd sterker van overtuigd geraakt dat de Federal Reserve, de Amerikaanse centrale bank, binnen niet al te lange tijd juist een stap in de tegengestelde richting zal zetten. Monetaire verkrapping in de VS kan de dollar opdrijven en de euro drukken. Omdat Draghi hier ook belang bij heeft en hij dit wellicht wil bereiken met zijn extra maatregelen, was het niet vreemd geweest als Draghi zich iets minder stellig had uitgelaten over nieuwe stimuleringsplannen. Maar dat heeft hij niet gedaan.

De vorige keer dat deze twee belangrijke centrale banken een tegengesteld beleid voerden, was in de jaren '90 van vorige eeuw. Destijds ontwikkelde de conjunctuur in Europa zich tegengesteld aan die in de VS als gevolg van de schok die de Duitse eenwording teweeg had gebracht binnen de Europese economie. De situatie is nu anders, al zou je kunnen zeggen dat de conjunctuur van de eurozone de Amerikaanse bij lange na niet kan bijbenen als gevolg van de eurocrisis. Per saldo moet een divergerend monetair beleid worden beschouwd als uiterst ongebruikelijk en de gevolgen hiervan zijn moeilijk te voorspellen. Dit creëert extra onzekerheid.

Op zoek naar een compromis

Op enkele uitzonderingen na heeft de ECB de afgelopen tijd met één stem gesproken: die van Mario Draghi. Binnen de Amerikaanse Federal Reserve is veel duidelijker sprake van verschillende meningen. Maar er begint een consequentere boodschap naar buiten te komen. De verruimingsgezinde leden van het FOMC, het beleidscomité van de Federal Reserve, lijken toe te geven aan de voorstanders van een hogere rente.

Fed-functionarissen hebben al vaak gezegd dat ze afhankelijk zijn van de cijfers. Maar volgens mij is er nog iets anders waardoor ze zich laten leiden. Ze willen potentieel instabiele financiële markten niet overvallen met onaangename verrassingen. Dit betekent dat ze de rente alleen kunnen verhogen wanneer de meerderheid van de marktpartijen dit verwacht. Tot voor kort probeerde de Fed de markten ervan te overtuigen dat de eerste renteverhoging eraan zat te komen maar lukte dit niet. Dat is inmiddels anders. De goede arbeidsmarktcijfers over oktober en de toegenomen stelligheid waarmee Fed-functionarissen zich uitlaten over een renteverhoging, hebben veel marktpartijen ervan overtuigd dat de rente na de eerstvolgende Fed-vergadering in december omhoog gaat. Tenzij nieuwe cijfers of marktvolatiliteit roet in het eten gooien, doet de Fed er goed aan om de rente in december te verhogen. Maar zoals de voorstanders van een verruimend beleid opmerken, is het verstandig om aan de markt uit te leggen dat de monetaire verkrapping heel langzaam, misschien zelfs langzamer dan ooit, zal verlopen. Veel hangt af van de ontwikkeling van de wereldeconomie in 2016 en de jaren daarna, van de stabiliteit van de financiële markten en van de wisselkoersbewegingen tegen de achtergrond van een divergerend monetair beleid.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs