Janet Yellen moet nog wennen aan haar nieuwe status

Blog -

Federal Reserve

De internationale financiële markten hebben de afgelopen week de zorgen over de Oekraïne en de Krim weer van zich afgeschud. De risico-aversie ebde weg, waardoor aandelenkoersen stegen en obligatiekoersen daalden. De enige rimpeling werd midden in de week veroorzaakt door de nieuwe Fed-voorzitter Janet Yellen.

Janet Yellen moet nog wennen aan haar nieuwe status Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

Haar eerste persconferentie na een Federal Open Market Committee (FOMC) bevatte weinig verrassingen. De komende periode zal het aankoopprogramma van obligaties wederom met USD 10 miljard worden verlaagd (tot USD 55 miljard) en - zoals ook al werd verwacht - zal de Fed niet meer zozeer kijken naar het werkloosheidsniveau van 6,5% van de beroepsbevolking waarbij de beleidsrente (de fed funds rate) zou kunnen worden verhoogd. Daarvoor in de plaats komt een bredere set van indicatoren van de arbeidsmarkt en de inflatie(verwachtingen).

De verrassing zat in de uitspraak dat de rente - gegeven de omhoog bijgestelde ramingen - een half jaar na het volledig stoppen van het opkoopprogramma voor het eerst zou kunnen worden verhoogd. In het huidige tempo zou dat dus een half jaar na oktober zijn; dus in de lente van 2015. Dat is iets eerder dan tot dusverre werd verwacht en het zou betekenen dat de rente ultimo 2015 ook wat hoger zou uitkomen. Deze uitspraak - en de interpretatie daarvan - schoot de financiële markten in het verkeerde keelgat. Hoewel Yellen direct daarna aangaf dat dit allemaal wel afhankelijk zou zijn van de daadwerkelijke kracht van de economie, was het kwaad geschied en zal Yellen zich realiseren dat de woorden van de voorzitter van de Federal Reserve op een goudschaaltje worden gewogen. Overigens bleven de koersdalingen woensdag gering en vond donderdag al weer een herstel plaats.

AEX stijgt in lijn met overige westerse beurzen
Hoewel de aandelenbeurzen dus weer eens een goede week achter de rug hebben, zijn de niveaus van het begin van dit jaar voor veel beurzen nog niet bereikt. Behalve de situatie in Oekraïne en zwakke Amerikaanse indicatoren door het strenge winterweer daar in de eerste paar maanden, speelt daarbij ook de vrees voor een ongestoorde economische ontwikkeling in de opkomende landen (met name China) een rol. Dat laatste is ook goed te zien in het verloop van de verschillende toonaangevende aandelenindices. De beurzen van de opkomende markten staan in alle regio's ruimschoots lager dan begin dit jaar. Voor Oost Europa en Latijns Amerika bedroeg de daling respectievelijk 12,3% en 7,3% en voor Azië 4,7%. De Japanse Nikkei-225 staat zelfs 12,7% lager terwijl dat voor de meest Europese beurzen en ook de Dow Jones minder dan 2,5% is. Alleen de Amerikaanse S&P-500 en de Nasdaq staan boven de niveaus van begin dit jaar.

De afgelopen week bleven echter alleen de Aziatische beurzen - zowel opkomend Azië als Japan - lager dan vorige week vrijdag, als indicatie dat de vrees rondom de Chinese economie als het belangrijkste overgebleven risico werd gezien. In Amsterdam is de AEX de afgelopen week met ruim 2% gestegen vergeleken met vorige week vrijdag, tot 390,82 punten. Daarmee bewoog de index in lijn met de andere Europese beurzen, die de zorgen rondom de situatie in de Krim van zich afschudden. Veel Nederlands bedrijfsnieuws was er niet. SBM-Offshore stond in de belangstelling, nadat het hoofd Investor relations had aangegeven dat er geen aanwijzingen waren voor omkopingen in Brazilië. Overigens is dit bericht later door SBM zelf weer ontkracht en blijft het wachten op meer duidelijkheid. Beter Bed rapporteerde een omzetdaling in het vierde kwartaal van 2013 met 10% en een daling van het bedrijfsresultaat met liefst 70%. De vooruitzichten voor het bedrijf blijven in de voornaamste markten erg onzeker en daarom handhaven we ons advies op verkopen.

Hogere economische groei maakt high yield aantrekkelijker
De obligatiemarkten waren weer eens het spiegelbeeld van de aandelenmarkten met dalende koersen en stijgende rentes. Spaanse staatsobligaties deden het relatief goed en de vooruitzichten voor high yield obligaties verbeteren in lijn met de gunstiger vooruitzichten voor de wereldeconomie. Het renteverschil tussen Spaanse en Duitse staatsobligaties is de afgelopen week gedaald van 185 basispunten tot 170 basispunten. Eind 2013 was dit verschil nog twee volle procenten (200 basispunten). Deze ontwikkeling is het gevolg van de positieve ontwikkeling van de Spaanse economie, waar de overheid veel hervormingsmaatregelen neemt om de economie beter te laten werken. De vooruitzichten voor een verdere verkleining van dit renteverschil blijven daardoor goed en onze verwachting is een verdere daling tot 150 basispunten dit jaar en tot 120 basispunten op middellange termijn.

Ook de vooruitzichten voor high yield obligaties - obligaties van bedrijven met een wat mindere kredietwaardigheid - verbeteren verder. Dit wordt onder andere onderstreept door de hogere groeiramingen die de Federal Reserve afgelopen woensdag naar buiten bracht en ook door de eerste conjunctuurindicatoren in de regio's van New York en Philadelphia. Ook in Europa zijn de economische vooruitzichten aan het verbeteren. Weliswaar werd afgelopen week een lagere ZEW index (een maatstaf voor het enthousiasme van investeerders over de Duitse en Europese economie) gepubliceerd, maar dat is meer een reflectie van de situatie in Oekraïne en de index ligt bovendien nog ruim boven het langjarige gemiddelde. Door de gunstige vooruitzichten van de wereldeconomie nemen de risico's voor faillissementen af en neemt de aantrekkelijkheid van high yield obligaties toe.

Komende week is het macro-economie dat de klok slaat
Het resultatenseizoen is nu helemaal voorbij en de komende week zijn er geen bedrijfsresultaten te verwachten. Van het macro-front zijn er wel een paar zeer interessante indicatoren te verwachten. Het meest interessant zijn de eerste en voorlopige gegevens die maandag uitkomen over de stemming onder inkoopmanagers in veel landen. Dit geeft een beeld van het vertrouwen onder ondernemers en is een indicatie voor de toekomstige investeringsactiviteit. De Ifo-index, die dinsdag in Duitsland wordt gepubliceerd en een nog directere maatstaf voor het ondernemersvertrouwen is, kan daarvoor nog een nadere bevestiging vormen. Ook over het consumentenvertrouwen verschijnen komende week in veel landen nieuwe gegevens. Dat betreft dan de Verenigde Staten (zowel van de Conference Board, als van de Universiteit van Michigan) en ook Duitsland en Frankrijk. Tenslotte worden er in veel landen (o.a. in Japan en het Verenigd Koninkrijk) gegevens over de inflatie gepubliceerd. 

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op