Kinderarbeid en -slavernij zijn dichterbij dan u denkt

Blog -

Kindarbeider in de Chace Cotton Mill

12 juni 2015: de Internationale Dag tegen Kinderarbeid. Een wereldwijd moment van aandacht voor piepjonge arbeidskrachten. Want daar zijn er nog steeds te veel van, blijkt uit een rapport van de Internationale Arbeidsorganisatie. 168 miljoen kinderen werken, waarvan 6 miljoen als kindslaaf. Onbetaald en/of onder dwang, ontvoerd of onder valse voorwendselen bij familie weggehaald. De strijd tegen kinderarbeid is actueel. Overal en voor iedereen, dus ook voor ABN AMRO.

ABN AMRO wil op geen enkele manier betrokken zijn bij schending van kinderrechten, en kijkt daarbij niet vanaf de zijlijn toe. Ghislaine Nadaud Ghislaine Nadaud Senior Advisor Risk, Advisory & Monitoring, afdeling Duurzaam Bankieren

Wereldwijde strijd tegen kinderarbeid nodig

De voornaamste reden waarom sommige bedrijven nog steeds kinderen inschakelen om werk te verrichten, ligt voor de hand: de jonge arbeidskrachten zijn spotgoedkoop. Daarnaast zijn kinderen volgzamer dan ervaren volwassenen en maken ze minder snel aanspraak op hun rechten. Sterker nog, vaak kennen ze die rechten niet eens. Kinderen vallen daardoor makkelijker ten prooi aan bedrijven die kinder- of dwangarbeid exploiteren, zeker in landen waar goed onderwijs ontbreekt en behoorlijke banen voor ouders niet voor het oprapen liggen. Wereldwijd investeren in voorlichting en onderwijs gaat kinderarbeid en -slavernij tegen, en kan bovendien op den duur de armoedespiraal doorbreken.

Schrik niet, ook u bent indirect betrokken

Kinderarbeid en -slavernij lijken ver van uw bed, maar zijn in realiteit dichter bij huis dan u denkt. Dagelijks gebruiken we producten uit delen van de wereld waar kinderrechten nog regelmatig in het geding zijn. De cacaobonen in uw chocoladereep bijvoorbeeld, afkomstig uit de Ivoorkust. Het katoen in uw shirt, zo van de gewassen in India of Turkije. Of de tin in de smartphone waarmee u iedere dag belt; gewonnen in Indonesische tinmijnen. Allemaal producten die direct of indirect tot stand zijn gekomen door processen waarbij kinderhanden zijn gebruikt.

In Europa is het niet veel beter

Ook de vraag naar goedkope, volgzame arbeid in Europa groeit. In ‘formele’ sectoren zoals toerisme, transport (binnenvaart), schoonmaak en land- en tuinbouw, maar ook in ‘informele’ segmenten als de seksindustrie, hennepteelt en huishouding. Onder andere Bulgaren, Polen, Filippino’s, Vietnamezen en Chinezen jonger dan achttien doen dit vaak gevaarlijk werk. Bovendien verblijven de arbeiders dikwijls illegaal. Hierdoor zijn ze administratief ‘onzichtbaar’ en kunnen ze nog moeilijker aanspraak maken op hun rechten. Bijvoorbeeld de 3.000 kinderslaven in Groot Brittanië.

Beleid voor bedrijfsverantwoordelijkheid

Voor bedrijven is het lastig te traceren of, en zo ja waar sprake is van kinderarbeid of -slavernij. Internationale productie- en toeleveringsketens kunnen heel ingewikkeld in elkaar zitten en zijn daardoor te ondoorzichtig om van boven naar beneden te doorgronden. Willen we dwangarbeid en mensenhandel uit het bedrijfsleven bannen, dan moeten bedrijven verantwoordelijkheid nemen en collectief door ketens heen leren kijken. Ook financiële instellingen als ABN AMRO moeten hieraan werken. Deze conclusie vloeit voort uit de UN Guiding Principles on Business and Human Rights.

Nieuwe wetten voor eerlijke bedrijven

Het Ruggie-beleid is wereldwijd geaccepteerd en opgenomen in de OESO- en EU-Richtlijnen. Dit dwingt bedrijven steeds meer verantwoordelijkheid te nemen. De verplichting geldt niet alleen voor uw eigen bedrijfsactiviteiten, maar strekt zich ook uit over de productie- en toeleveringsketen waarbinnen uw onderneming opereert. Hoe en met wie u werkt, moet u dus volledig kunnen doorzien. In Nederland werkt de PVDA op dit moment aan een wetsvoorstel om de verkoop van producten die (mede) tot stand zijn gekomen door kinderarbeid te verbieden. Ondernemers die ervan worden verdacht dit verbod niet na te leven, worden hiervoor belast en moeten aantonen dat hun keten ‘schoon’ is.

Werkeloos toezien is geen optie

ABN AMRO wil op geen enkele manier betrokken zijn bij schending van kinderrechten, en kijkt daarbij niet vanaf de zijlijn toe. Als onderdeel van onze duurzame beleidsvoering accepteren we geen kinderarbeid en -slavernij binnen de keten van onze leveranciers. Met andere woorden: we kopen geen spullen waarbij ook maar het vermoeden bestaat dat tijdens de productie kinderhanden zijn ingezet. Daarnaast staan kinderarbeid en -slavernij op onze lijst van activiteiten die we nooit financieren. Voldoet een potentiële klant niet aan onze eisen op dit gebied, dan doen we geen zaken, over en uit.

Samen staan we sterk

Om te beoordelen of een bedrijf (in)direct betrokken is bij schending van kinderrechten moeten we de hele keten zo helder mogelijk in beeld krijgen. Voor een betrouwbaar keteninzicht zijn we in gesprek met alle stakeholders. Non gouvernementele organisatie (NGO’s), overheden, vakbonden, brancheorganisaties en mensenrechtenexperts met veel kennis, ervaring en een waardevol netwerk, zijn absoluut onmisbaar om bedrijfsketens op een transparante manier in kaart te brengen.

Met al onze stakeholders dezelfde koers

ABN AMRO onderschrijft hoe belangrijk het is om kinderarbeid en -slavernij tegen te gaan. We zitten continu met verschillende partijen om tafel om te zien waar we kunnen bijdragen. De overheid speelt een belangrijke rol. Rechten van kinderen mogen niet worden geschaad en wetten moeten worden gehandhaafd; de overheid moet dit als alziend oog in de gaten houden. Daarnaast ligt er een grote taak weggelegd voor bedrijven die mensenrechten nu moeten respecteren, om uiteindelijk een grotere verschuiving in die richting in gang te zetten. ABN AMRO kan dat gedrag stimuleren. Begin juni waren we medeorganisator van een Expert Roundtable over mensenhandel, geïnitieerd door Global Justice. Met verschillende stakeholders zijn we in gesprek om te zien hoe we ons samen kunnen inzetten tegen mensenhandel. We werken toe naar een wereld zonder kinderarbeid. Een bijdrage die niet in geld is uit te drukken.

Foto: Jo Bodeon, een kindarbeider in de Chace Cotton Molen van Burlington in Vermont. (Mei 1909)

Relevante links

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op