Merkel en Hollande zetten Tsipras onder druk

Blog -

Europese en Griekse vlag

Na de heftige koersbewegingen in de voorgaande week zijn de financiële markten deze week wat tot rust gekomen. De koersen op de obligatiemarkten daalden nog iets verder, maar op de meeste toonaangevende aandelenmarkten vond een licht herstel plaats.

De macro-economische indicatoren waren nagenoeg zonder uitzondering positief. Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

De onderhandelingen tussen het IMF, de Europese Commissie en de ECB aan de ene kant en de Griekse regering aan de andere kant, slepen zich voort zonder zichtbaar resultaat. Op politiek vlak hebben de Duitse bondskanselier Merkel en de Franse president Hollande zich nadrukkelijk met de onderhandelingen bemoeid. Zij lijken de eisen voor bezuinigingen en hervormingen wel wat af te willen zwakken, maar hebben de Griekse premier Tsipras te verstaan gegeven dat hij moet ophouden met pokerspelen. Op het technische vlak was het gebrek aan resultaat reden voor de IMF-onderhandelaars om de tafel te verlaten en terug te keren naar Washington. Overigens verzekerden ze dat de onderhandelingen daarmee niet definitief waren afgebroken.

Wanneer er echter voor het einde van de maand geen doorbraak komt, zal Griekenland niet in staat zijn om de aflossing van EUR 1,6 miljard aan het IMF te voldoen en is er - in elk geval voor dat bedrag - sprake van een technisch faillissement. De financiële markten lijken zich overigens niet al te veel zorgen te maken over deze ontwikkelingen. Op de obligatiemarkten steeg de rente weliswaar nog iets verder, waarbij de Duitse 10-jaars rente zelfs even boven de 1% uitkwam, iets wat sinds september vorig jaar niet meer was voorgekomen. De obligatiemarkten lijken voor te sorteren op een verbetering van het economisch beeld en daar was de afgelopen week alle reden voor, want allerlei indicatoren uit nagenoeg alle regio's lieten een positief beeld zien. Toch is enige daling van de rente in de komende maanden niet onwaarschijnlijk. De emissie-activiteit op de Duitse obligatiemarkt zal dan minder zijn dan de afgelopen twee maanden en door het opkoopprogramma van de ECB dreigt er opnieuw schaarste en rentedaling. Een terugkeer tot onder de 0,1% voorzien we echter niet (meer) want daarvoor zijn groei- en inflatieverwachtingen inmiddels te hoog.

Aandelenmarkten vinden voorzichtig weer de weg omhoog

De aandelenmarkten lieten zich de afgelopen week weinig gelegen liggen aan het gebrek aan resultaat in de onderhandelingen met Griekenland. De positieve economische indicatoren wogen kennelijk zwaarder. Met uitzondering van de Aziatische beurzen gingen alle toonaangevende aandelenmarkten licht omhoog, zonder overigens de niveaus van eind april weer te bereiken. De macro-economische indicatoren waren nagenoeg zonder uitzondering positief. Dat gold voor de Amerikaanse werkgelegenheid in mei - met een stijging van 280.000 banen - en ook voor de detailhandelsverkopen, die in dezelfde maand met 1,2% zijn gestegen. Ook het vertrouwen bij kleine bedrijven - de ruggengraat van de economie - is in mei sterker verbeterd dan verwacht en al deze indicatoren duiden erop dat de zwakte van de eerste maanden is overwonnen. Ook in Europa waren de gepubliceerde gegevens overwegend positief met een sterke groei van de Duitse industriële productie, vooral in de investeringsgoederensector, wat een indicatie is dat de investeringen in Duitsland en de rest van Europa aan het aantrekken zijn. Tegelijkertijd vinden er in Duitsland wat grotere loonstijgingen plaats, wat in het licht van de nog steeds lage inflatie positief kan worden gewaardeerd. Uit Japan en China kwamen eveneens redelijke tot goede cijfers over economische groei en machineorders (Japan) en verkopen in de detailhandel (China). Kortom, alom goede macrocijfers en weinig bedrijfsnieuws, maar dat betekent dus ook geen slecht nieuws. De AEX bewoog in lijn met de meeste andere beurzen en sloot donderdag op 484,88, wat een stijging is met 1,2% ten opzichte van vorige week vrijdag. Vanmorgen stond de Nederlandse graadmeter op licht verlies, maar wel nog boven de 480 punten.

Macronieuws zal ook komende week domineren

We moeten nog ongeveer een maand wachten totdat de eerste bedrijfsresultaten over het tweede kwartaal worden gepubliceerd. Op macro-economisch gebied zijn er echter wel een paar interessante cijfers te verwachten. Met veel interesse kijken we bijvoorbeeld uit naar de eerste gegevens over de Amerikaanse economie in juni. Het betreft dan vooral de Empire State Manufacturing index (voor de regio New York) en de Philadelphia Fed index. De vraag is dan of deze indicatoren het gunstige beeld van mei ook bevestigen. Indien dit het geval is zullen de verwachtingen voor een eerste renteverhoging door de Federal Reserve in september de kop gaan opsteken. Daarnaast verschijnt er in de Verenigde Staten ook nog een reeks indicatoren over mei die deze verwachtingen kunnen versterken. Te denken valt aan de industriële productie, het aantal in aanbouw genomen woningen en de inflatie. Voorts komt het beleidsbepalende comité van de Fed bijeen om zich te beraden over het monetaire beleid. Wellicht zullen dan de eerste indicaties worden gegeven over het toekomstige rentebeleid. In Duitsland wordt de ZEW-index gepubliceerd, die iets zegt over hoe beleggers aankijken tegen de investeringsmogelijkheden in de Duitse (en de Europese) economie. Ook uit Duitsland en de Europese Unie als geheel mogen we cijfers verwachten over het verloop van de consumptieprijzen in mei. Tenslotte worden de komende week gegevens gepubliceerd over de economische groei in Rusland in het eerste kwartaal van dit jaar. Ongetwijfeld zal er sprake zijn geweest van een behoorlijke krimp met circa 2% ten opzichte van een jaar eerder.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op