OPEC-beslissing jaagt de rente verder omlaag

Blog -

Oil in countries

De mondiale financiële markten wisten de afgelopen week de positieve stemming aardig vast te houden, zij het dat de koersstijgingen op de aandelenmarkten wat kleiner waren dan in de voorgaande twee weken. Het sentiment werd vooral tegen het einde van de week bepaald door de OPEC-vergadering.

Het goede economische nieuws kwam de afgelopen week uit Europa waar de Economische Sentiment Indicator een tikje steeg Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

Tijdens die bijeenkomst van de OPEC-lidstaten werd besloten om het productiequotum van het kartel te handhaven op 30 miljoen vaten per dag (overigens ligt de daadwerkelijke productie op 31 miljoen vaten). Door sommige olie-exporterende landen buiten het kartel - zoals Rusland en Venezuela - was gehoopt op een vermindering van het quotum, teneinde de daling van de olieprijs te stoppen en wellicht een stijging te bewerkstelligen. Dat gebeurde niet en de prijs daalde zelfs van USD 77 tot net boven USD 70 per vat. Dit zal de inflatie nog verder onder druk zetten en vooral in de landen en regio's waar de inflatie al zeer laag is - zoals in de eurozone - zal het de inflatieverwachtingen verder omlaag drukken. Hoewel een lage olieprijs in beginsel positief is voor de koopkracht van consumenten, kan een dalende en hardnekkig lage inflatieverwachting bijdragen tot een deflatoire ontwikkeling en ook tot uitval van bestedingen. Dit zal voor de Europese Centrale Bank (ECB) een extra argument zijn om het beleid aan te scherpen en eventueel over te gaan tot het opkopen van staatsobligaties (QE). De verwachtingen daaromtrent hebben de rente op 10-jaars staatsobligaties (en uiteraard ook de andere looptijden) verder omlaag gedrukt.

Het goede economische nieuws kwam de afgelopen week uit Europa waar de Economische Sentiment Indicator (een combinatie van ondernemers- en consumentenvertrouwen) een tikje steeg. Ook uit Duitsland waar de afgelopen twee maanden veel pessimisme over de economische vooruitzichten was ontstaan, kwamen positieve cijfers. Nadat in de voorgaande week de ZEW-indicator voor het eerst in een jaar weer eens was gestegen, bleek afgelopen week dat de belangrijkste index voor het ondernemersvertrouwen (de Ifo-index) voor het eerst sinds april dit jaar weer is gestegen. Uit de Verenigde Staten kwamen de afgelopen week wat meer gemengde cijfers. Aan de positieve kant natuurlijk de opwaartse bijstelling van de economische groei over het derde kwartaal (van 3,5% tot 3,9% ten opzichte van het tweede kwartaal op jaarbasis). Aan de negatieve kant stonden echter wat zwakkere cijfers over de orders voor duurzame goederen en gegevens over het persoonlijk inkomen en de bestedingen. Overigens oogt de Amerikaanse economie nog steeds robuust en zal vandaag op Black Friday (de dag na Thanksgiving, waarop veel Amerikanen vrij zijn en gaan winkelen) wellicht blijken of de bestedingen in de laatste maand van het jaar gaan bijdragen aan de groei.

Aandelenbeurzen langzaam verder gestegen

De meeste toonaangevende aandelenbeurzen zijn de afgelopen week in een wat trager tempo verder gestegen. Behalve positieve Europese cijfers werden de koersen gesteund door de dalende rente. De Amerikaanse beurs was donderdag gesloten vanwege Thanksgiving en bood daardoor weinig richting. De meeste beurzen stegen met circa 0,5% ten opzichte van vorige week vrijdag. De Duitse beurs was een positieve uitschieter met een koersstijging van bijna 2,5%, vooral als gevolg van het eindelijk weer eens verbeterde ondernemersvertrouwen. De Britse en de Japanse beurzen moesten de afgelopen week wat terrein prijsgeven, maar die waren in de voorgaande week juist wat sterker gestegen. In de Verenigde Staten stegen de technologiebeurs Nasdaq en Russell 2000 (index van kleinere genoteerde bedrijven) beide met ruim 1,5% in drie dagen. De AEX steeg met ruim 0,5% (tot 425,75) tot het hoogste niveau sinds medio 2008. Het weinige bedrijfsnieuws dat er was, kwam van ASML dat een Capital Markets Day organiseerde, waarop nieuwe doelstellingen voor 2020 bekend werden gemaakt. Het bedrijf mikt op een jaaromzet van EUR 10 miljard en een verdrievoudiging van de winst per aandeel van EUR 7,50. Daarnaast liet het bedrijf weten dat de Taiwanese chipfabrikant TSMC twee productiemachines heeft besteld die in 2015 geleverd worden.

Centrale banken in het brandpunt van de belangstelling

Door de verder dalende olieprijs en de extra dreiging van deflatie zijn de ogen sterk gericht op de centrale banken. Vooral vanuit het bestuur van de ECB kwamen ook de afgelopen week weer veel signalen over toekomstige beleidsmaatregelen. De week begon echter met een renteverlaging door de Chinese centrale bank (met 0,4%-punt tot 5,6%) om een dreigende en ongewenste terugval van de economische groei te voorkomen. Daarmee is de Chinese centrale bank een van de weinige belangrijke centrale banken die het rente-instrument nog (met succes) kan hanteren, want bij de meeste collega's staat de rente daarvoor te dicht bij de 0%. In de eurozone kwamen er weer bezwerende woorden van president Mario Draghi over de dreigende deflatie, maar de meest concrete uitspraken kwamen de afgelopen week toch van vice-president Constâncio, die verwacht dat de ECB in het eerste kwartaal van 2015 zou starten met een echt opkoopprogramma van staatsobligaties, iets waarvan de Duitsers vooralsnog geharnaste tegenstanders zijn. Tot dusverre heeft de ECB liquiditeitsinjecties in het bankwezen (TLTRO's) gehanteerd en meer recent ook gebruik gemaakt van de aankoop van door onderpand gedekte obligaties om de kredietverlening aan te zwengelen en de rente laten dalen (en de euro omlaag te drukken). De rente is inmiddels inderdaad verder onder druk gekomen en de 10-jaars rente in zelfs Frankrijk ligt inmiddels onder de 1%, terwijl ze in Spanje en Italië rond de 2% noteert.

ECB en Amerikaanse banencijfers domineren

De komende week zijn er weinig tot geen bedrijfsgegevens te verwachten. Op macro-economisch gebied zal het zwaartepunt liggen aan het einde van de week, wanneer op donderdag de ECB-raad bijeenkomt en vrijdag de maandelijkse banencijfers uit de Verenigde Staten komen. In het begin van de week zullen definitieve cijfers worden gepubliceerd over het sentiment onder inkoopmanagers. De verwachting is dat die niet veel zullen afwijken van de voorlopige cijfers die anderhalve week geleden al zijn gepresenteerd. Voorts komen er wat werkloosheidsgegevens uit Frankrijk en België waar de financiële markten vermoedelijk amper op zullen reageren. Dat zal anders zijn met de werkgelegenheids- en werkloosheidscijfers uit de Verenigde Staten, die vrijdagmiddag verschijnen. De verwachtingen voor de groei van de werkgelegenheid (buiten de landbouwsector) zijn hooggespannen en hier en daar wordt gerekend op een groei van meer dan 250.000 banen. Daarvoor zal op donderdag het bestuur van de ECB bijeenkomen om over het monetaire beleid te spreken. Wellicht zal er dan weer wat meer bekend worden over de vormgeving van opkoopprogramma's en over de modaliteiten van de TLTRO (liquiditeitsfaciliteit), waarop banken in december kunnen inschrijven. Daarbij zal veel afhangen van de analyse die het ECB-bestuur maakt van de jongste inflatiecijfers van Duitsland (0,5%). Is dat lage cijfer alleen het gevolg van de gedaalde olieprijs of dreigt er echte deflatie?

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op