Open kredietkraan Amerikaanse banken

Blog -

Amerikaanse vlag senaat

Wij voorzagen al lang dat de wereldeconomie rond deze tijd waarschijnlijk zou verzwakken, dat deze verzwakking relatief gering en van korte duur zou zijn en dat de groei later dit jaar weer zou aantrekken. IMF-directeur Christine Lagarde heeft het tegenwoordig over herstel in drie snelheden, met de opkomende markten voorop, dan de VS, en daarna Europa en Japan. 

Als we kijken naar de 'tweede afgeleide', de tempoverandering in de komende anderhalf jaar, dan zouden wij de VS op kop willen plaatsen. Han de Jong Han de Jong Chief Economist

Dat is juist voor wat betreft de absolute groei. Als we kijken naar de 'tweede afgeleide', de tempoverandering in de komende anderhalf jaar, dan zouden wij de VS op kop willen plaatsen. Nu de crisis wegebt en de bezuinigingen afnemen, krijgen de meeste economieën geleidelijk vastere grond onder de voeten en 2014 belooft dan ook een goed jaar te worden. De cijfers van de laatste paar maanden deden vermoeden dat de verzwakking erger en langduriger zou zijn dan gehoopt, maar de meest recente cijfers zijn hoopgevender. Al zijn er afgelopen week niet veel belangrijke cijfers gepubliceerd, wij zijn tevreden met ons standpunt.

Nieuws uit de eurozone wisselt, maar er zijn duidelijk lichtpuntjes

Het economisch nieuws uit de eurozone blijft wisselend en er is veel om je zorgen over te maken. Zo is de werkloosheid in Griekenland naar recordhoogte gestegen: van een naar beneden bijgestelde 26,7% in januari naar 27% in februari. De Spaanse industriële productie is in maart verder gekrompen (-9,8% j-o-j tegen -9,0% in februari). Ook Frankrijk begint een probleem te worden. Er ontwikkelt zich een duidelijk verschil tussen Frankrijk en Duitsland. In Frankrijk is de industriële productie in maart met 0,9% m-o-m gedaald, in Duitsland is zij met 1,2% gestegen. De cijfers voor maart voor de Duitse orderportefeuille zijn zelfs nog beter: het aantal orders nam, net als in februari, met 2,2% m-o-m toe. Ik moet toegeven dat de goede Duitse cijfers me verrast hebben, want de stemmingsbarometers voor het ondernemersvertrouwen stonden op slecht weer en ook het echte weer in maart zal niet geholpen hebben. De grafiek geeft de verschillen tussen de industriële productie van Duitsland en Frankrijk in de afgelopen dertien jaar weer. Drie dingen vallen mij daarbij op. Ten eerste heeft de Duitse industrie door de herstructurering na de eeuwwisseling aan concurrentiekracht gewonnen, waardoor de productie tussen 2003 en 2008 met zo’n 20% is gestegen. De Franse productie nam in die periode met amper 5% toe. Nu was de Franse productie in de tien jaar daarvoor sterker gegroeid dan de Duitse, maar niet zo veel. Ten tweede heeft de Duitse industrie het in de crisis verloren terrein bijna teruggewonnen. De productie ligt ongeveer 5% onder de piek van begin 2008. In Frankrijk is dat 17%. En ten derde blijft de Franse productie krimpen, terwijl die in Duitsland de laatste tijd gelijk blijft. 

Kredietkraan 01

Belangrijker is misschien wel de gang van zaken in de periferie. Ook daar zijn tekenen van hoop. Zo is de werkloosheid in Spanje met 46.000 gedaald. Volgens de Spaanse overheid is dit het gevolg van een betere concurrentiepositie en de vorig jaar doorgevoerde hervormingen van de arbeidsmarkt. Ook de indices voor het ondernemersvertrouwen in de periferie lijken over het dieptepunt heen. De Griekse industriële productie is in maart met 0,7% j-o-j gekrompen. Dat lijkt misschien niet erg positief, maar in februari was dat nog -3,7% en iets meer dan een jaar geleden ruim -10%. Laat ik hier wat anekdotisch bewijs aan toevoegen. Ik rijd vaak over de M50, de westelijke ringweg rond Dublin. Het verkeer is de afgelopen maanden drukker geworden, wat voor mij een bewijs is dat de Ierse economie groeit.  Vorige week stelden we dat de beleidsmakers in de eurozone terug lijken te komen van hun kortetermijnbeleid van zwaar bezuinigen. Dat bleek ook uit opmerkingen van diverse leiders vorige week.

Amerikaanse banken steeds meer bereid krediet te verstrekken

De enquête onder Senior Loan Officers die de Fed elk kwartaal houdt, bevatte het beste economische nieuws van de week. Hieruit bleek dat het aantal banken dat de voorwaarden voor kredietverlening aan het bedrijfsleven versoepelt, zo groot is als het maar zijn kan. De banken lijken dus bereid de sluizen open te zetten. Volgens het onderzoek neemt de vraag naar krediet toe, al heeft deze nog geen recordhoogte bereikt – met uitzondering van de vraag naar krediet voor bouwprojecten, die zeer groot lijkt te zijn. Tegenover gezinnen zijn de banken minder bereid om geld te lenen en de vraag vanuit de gezinnen is eveneens minder groot, maar ook daar is verbetering merkbaar. Dit is ontzettend belangrijk, omdat de uitkomsten van deze enquête in sterke mate voorspellen hoe de economie zich gaat ontwikkelen. En dat ziet er goed uit.

Kredietkraan 02

De president van de Philadelphia Fed, Charles Plosser, heeft de markten vorige week de stuipen op het lijf gejaagd met zijn opmerking dat hij graag zou zien dat de Fed bij de volgende beleidsvergadering het programma voor de aankoop van Amerikaanse staatsobligaties zou terugschroeven. Hij gaf als reden dat de economie zich herstelt en de werkloosheid daalt. De economische werkelijkheid rechtvaardigt de buitengewone maatregelen van de Fed niet langer, althans niet in hun huidige omvang. Plosser meent dat voortzetting van het huidige beleid alleen maar voor problemen in de toekomst zorgt. De markten worden zenuwachtig van elke toespeling op een eventuele verkleining van het Fed-programma, omdat de liquiditeitsstroom al dan niet terecht als een belangrijke factor achter de beursrally wordt beschouwd. Er valt hier wel het een en ander over te zeggen. Om te beginnen ben ik het met Plossers analyse van de economie wel ongeveer eens, tenminste, wat de groeivooruitzichten aangaat. Toch lijkt het me onwaarschijnlijk dat de Fed serieus overweegt het aankoopprogramma op korte termijn terug te schroeven. Fed-president Bernanke en vicepresident Janet Yellen lijken van mening dat het een grote vergissing zou zijn om te vroeg met verkrappen te beginnen. En waarom zou de Fed het risico lopen? Het inflatierisico, zo dat er al is, wordt kleiner nu de inflatie daalt. Zeepbellen in de maak zijn altijd moeilijk te herkennen, maar huizen en aandelen lijken op dit moment toch niet zwaar overgewaardeerd. Ik ben het dus niet met Plosser eens dat het huidige beleid riskant zou zijn. Plosser staat bekend als een havik met weinig invloed op de besluitvorming, omdat hij nogal afwijkt van het meerderheidsstandpunt binnen de Fed. Bovendien heeft hij dit jaar niet eens stemrecht. Dus hoewel Plosser wel een punt heeft, is de kans gering dat de Fed op korte termijn haar opkoopprogramma gaat afbouwen.

Japan gaat nog steeds lekker

Uit Japan komen opnieuw redelijk goede cijfers. De groei van de kredietverlening door banken neemt toe en bereikte in april de hoogste stand sinds 2009.

Kredietkraan 03

Ook het Eco Watchers-rapport bracht positief nieuws. Volgens deze peiling zijn de vooruitzichten voor de economie gunstiger dan ooit, of in ieder geval gunstiger dan ze geweest zijn sinds deze cijfers worden bijgehouden, en dat is sinds 2000. Dit duidt erop dat ‘Abenomics’ er in ieder geval in slaagt optimisme en momentum te creëren. 

Vooruitblik

Ik zie een aantal redenen om bijzonder optimistisch te zijn voor de wereldeconomie in 2014. Allereerst denk ik dat het fundamentele beeld is opgeklaard en verder zal verbeteren. De balansen worden gerepareerd, de onevenwichtigheden worden verminderd, het systeemrisico ebt in de eurozone weg en de spanningen in het financiële systeem nemen af. Het herstelproces van de wereldeconomie wordt zichtbaar.

Ten tweede daalt de inflatie zoals ik al eerder heb aangegeven, en ook deze ontwikkeling zal waarschijnlijk doorzetten. De reële koopkracht wordt hierdoor ondersteund. Voor zover de inflatie daalt als gevolg van lagere grondstoffenprijzen, is dat natuurlijk ongunstig voor de grondstoffenproducenten. Tegen die achtergrond is het begrijpelijk dat de voorlopende indicatoren voor sommige grondstoffenproducerende landen nu verslechteren.

Ten derde passeren de bezuinigingen dit jaar hun hoogtepunt. De onlangs gepubliceerde Fiscal Monitor van het IMF bevat gegevens over de conjunctureel gecorrigeerde begrotingssituatie. Bij de berekening van deze maatstaf tracht het IMF het effect van begrotingsmaatregelen te isoleren. De cijfers van het IMF laten op basis van de op dit moment bekende gegevens zien wat de uitwerking van de overheidsbegroting op de economische groei is: in de VS gaat de negatieve uitwerking daarvan op korte termijn aanzienlijk afnemen en in de eurozone zal dat volgend jaar het geval zijn. Daarentegen is in Japan juist sprake van een duidelijk positieve uitwerking. De conjunctureel gecorrigeerde begrotingssituatie wordt in de VS en de eurozone volgend jaar iets meer dan 1% van het BBP minder restrictief. Daardoor kan de totale groei versnellen. Het plaatje is in Japan echter iets anders, deels als gevolg van de voorgenomen BTW-verhoging en het aflopen van bepaalde stimuleringsmaatregelen die onlangs doorgevoerd zijn. Maar het idee achter de Japanse strategie is om genoeg groeimomentum te creëren zodat de economie de begrotingsverkrapping volgend jaar zelf kan opvangen.

De inhaalvraag vormt een vierde reden om voor volgend jaar optimistisch te zijn. In veel landen waar diverse jaren sprake was van een benedengemiddelde groei, moet een aanzienlijke inhaalvraag zijn opgebouwd. Indien en wanneer de economische omstandigheden zich normaliseren, komt deze vraag los en kan zij voor een aanzienlijke, zij het tijdelijke, impuls zorgen. 

Relevante links

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op