Plafond olieprijs in zicht

Blog -

Booreiland op de open zee

Afname liquiditeit steunt mogelijk olieprijs. Lange-termijn trend olieprijs vertoont nog steeds dalende lijn. Oorzaak van risicopremie ligt vooral in het Midden-Oosten.

Op de middellange termijn verwacht ABN AMRO niet dat prijsstijgingen doorzetten. Hans van Cleef Hans van Cleef Sector Econoom Energie

Op korte termijn mogelijk steun voor olieprijzen; op lange-termijn blijft sprake van druk

De olieprijzen stegen in juli als gevolg van een zwakkere dollar, dalende Amerikaanse olievoorraden en doordat de Fed aankondigde de rentes voor langere tijd op een laag niveau te houden. In de laatste week van juli daalden de olieprijzen echter door tegenvallende Chinese PMI-cijfers. Dit resulteerde in zorgen over een vertraagde groei van de vraag naar olie. In augustus zal de volatiliteit hoog blijven. In de zomermaanden is de markt minder liquide. Dit, in combinatie met een positief marktsentiment, kan mogelijk leiden tot iets hogere olieprijzen. Op de middellange termijn verwacht ABN AMRO niet dat prijsstijgingen doorzetten. Dit komt doordat productieoverschotten, zoals gisteren ook bevestigd door de OPEC, in stand blijven, de dollar sterker wordt en de Fed stimuleringsmaatregelen uiteindelijk terugdraait. Bovendien benadrukt zij dat herstel van de wereldeconomie zeer geleidelijk verloopt. De vraag naar olie in ontwikkelde economieën blijft zelfs neutraal. Dit legt niet alleen een plafond op de olieprijs, maar kan de druk in de komende jaren zelfs doen toenemen.

Verschil tussen Brent en WTI moet blijven

In februari 2013 bedroeg het verschil tussen Brent en WTI 23,18 dollar per vat. Op 22 juli is het verschil voor het eerst sinds augustus 2010 negatief. Hoewel het vóór 2011 gebruikelijk was dat de prijs van WTI boven die van Brent lag vanwege kwaliteitsverschillen en transportkosten, is dat nu verleden tijd. Volgens ABN AMRO moet dit in de komende jaren zo blijven. Om een grotere vraag door Amerikaanse raffinaderijen te stimuleren, is een korting op de prijs van WTI noodzakelijk. Bovendien moeten ook de hogere transportkosten in de Verenigde Staten resulteren in een korting op de prijs van WTI. Met het oog op het kwaliteitsverschil en de transportkosten dient het verschil tussen Brent en WTI volgens ABN AMRO in de komende jaren minimaal 2 tot 5 dollar per vat te zijn. Daarom lijkt op dit moment, met het verschil tussen Brent en WTI net boven pariteit, de beweging te zijn doorgeschoten en deze zou daarvoor moeten corrigeren.

Risicopremie ruimt voorlopig niet het veld

Hoewel geopolitieke spanningen minder media-aandacht krijgen, vermoedt ABN AMRO dat nog steeds risicopremie op de olieprijzen wordt berekend. De totale risicopremie is ten opzichte van twee jaar geleden zichtbaar gedaald. Doordat sprake is van aanhoudende spanningen in het Midden-Oosten - met Iran als grootste risico - en de effecten van de Arabische lente in andere landen nog steeds voelbaar zijn, verwacht ABN AMRO dat enkele dollars aan risicopremie onderdeel blijven van de olieprijs.

Documenten

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op