Reddingsplan voor Cyprus; goed nieuws en slecht nieuws voor de wereldeconomie

Blog -

Reddingsboei

Na veel uitstel heeft de Eurogroep een akkoord bereikt over een reddingsplan van EUR 10 miljard voor Cyprus. In tegenstelling tot het oorspronkelijke plan van vorige week blijven tegoeden onder EUR 100.000 nu wel buiten schot. Bezitters van niet-verzekerde tegoeden, aandeelhouders en obligatiehouders moeten grotere verliezen incasseren dan in het oorspronkelijke akkoord.

Wij denken dat deze periode van zwakkere groei tijdelijk zal zijn. Han de Jong Han de Jong Chief Economist

De wereldwijde economische bedrijvigheid is in de afgelopen maanden over het algemeen meegevallen. Dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is dat er grote verschillen bestonden tussen regio’s, waarbij de VS en Japan zorgden voor een onevenredig groot deel van de positieve verrassingen en Europa nog steeds achterbleef en het moeilijk had. Ander slecht nieuws is dat de kracht van de Amerikaanse groei op korte termijn waarschijnlijk zal afnemen. Om toch positief af te sluiten: wij denken dat deze periode van zwakkere groei tijdelijk zal zijn.

Uitgestelde vergadering Eurogroep levert eindelijk akkoord op over Cyprus

Volgens de voorwaarden voor het reddingsplan voor Cyprus wordt de op één na grootste bank van het eiland, Laiki, direct ontbonden en zullen de aandeelhouders, obligatiehouders en houders van niet-verzekerde deposito’s hieraan volledig bijdragen. De activa zullen worden opgesplitst tussen een goede bank en een slechte bank. De goede bank zal opgaan in de Bank of Cyprus, de grootste bank van Cyprus, die zal worden geherkapitaliseerd door niet-verzekerde deposito’s om te zetten in aandelen met als doel aan het eind van het programma uit te komen op een kapitaalratio van 9%. De details zijn nog niet bekend, maar het akkoord betekent wel dat de verliezen voor houders van niet-verzekerde deposito’s bij Laiki en wellicht ook Bank of Cyprus veel hoger zullen uitvallen dan de heffing waarin het oorspronkelijke plan voorzag, terwijl ook houders van senior-obligaties verliezen zullen lijden. Voorlopig worden de niet-verzekerde deposito’s bij beide banken bevroren. De twee banken samen vertegenwoordigen iets meer dan 40% van alle deposito’s op Cyprus en iets minder dan 40% van alle leningen. Laiki Bank is sinds juni 2012 voor 84% eigendom van de staat.

Het akkoord betekent goed nieuws voor de risicobereidheid

Het reddingsplan neemt de directe dreiging van een volledige ineenstorting van het financiële stelsel op Cyprus weg. Als er geen akkoord was bereikt, zou de ECB immers de liquiditeitssteun voor de banken hebben stopgezet. Hierdoor zou twijfel zijn ontstaan over de toekomst van het land als lid van de eurozone. Bovendien is het feit dat de verzekerde deposito's buiten schot blijven, een belangrijk positief aspect om het internationale besmettingsgevaar te beperken. Volgens anekdotische berichten zijn er in andere lidstaten weinig tekenen van een depositovlucht geweest en Cyprus kan, zoals we eerder hebben opgemerkt, gezien de omvang en aard van de Cypriotische bankensector redelijkerwijs worden aangemerkt als een 'speciaal geval’. Een andere belangrijke factor die het besmettingsgevaar beperkt, is het vangnet dat de ECB biedt voor probleemlanden. Na de politieke impasse in Italië betekent de onzekerheid als gevolg van de redding van Cyprus de tweede test voor het vangnet van de centrale bank, dat tot nu toe geloofwaardig is gebleken. Het is evenwel nog onzeker hoe houders van niet-verzekerde deposito’s in andere landen zich zullen gedragen.

Waar blijft de bankenunie?

De Europese leiders zijn vorig jaar overeengekomen dat ze een ‘bankenunie’ gaan vormen. Dit zou betekenen: één toezichthouder, een gemeenschappelijk depositogarantiestelsel en een gezamenlijk resolutiemechanisme. Dit is een ambitieus en complex plan en de problemen in Cyprus hadden mogelijk voorkomen kunnen worden en effectiever aangepakt kunnen worden als de bankenunie er al was geweest. De Europese beleidsmakers hebben ook geprobeerd om de relatie tussen zwakke overheidsfinanciën en een zwakke bankensector te verbreken. Uit de ontwikkelingen in Cyprus blijkt dat dit niet is gelukt. Banken hebben veel geld verloren door de afwaardering van Griekse staatsleningen en nu zal de ondergang van Laiki de financiële problemen van de Cypriotische regering verergeren. Uit dit alles blijkt dat de eurocrisis nog lang niet voorbij is. De Europese leiders hebben echter wel laten zien dat ze steeds op het allerlaatste moment de situatie kunnen redden. 

Complexe situatie in Europa

De economische cijfers in Europa gaven vorige week een gemengd – en complex – beeld te zien. De gezaghebbende Duitse Ifo index (meet het ondernemersvertrouwen) voor maart viel tegen, met een daling naar 106,7 vergeleken met 107,4 in februari. Hierbij moet wel gezegd worden dat de daling bescheiden was en volgde op vier maanden met forse stijgingen. Mogelijk zorgwekkender is de teleurstelling die werd veroorzaakt door de inkoopmanagersindices (PMI). De samengestelde PMI voor de eurozone daalde van 47,9 in februari naar 46,5. Dit betekende de tweede daling op rij, terwijl juist een stijging was verwacht. Vooral in de Duitse dienstensector was het vertrouwen zwak. Hier daalde de PMI van 54,7 naar 51,6, wat een aanzienlijke verslechtering betekent. 

Cyprus 1

Eerder deze maand gaf ECB-president Draghi aan dat een verlaging van de officiële rente nog niet in het verschiet lag, maar als de economische cijfers blijven tegenvallen zal hij daar misschien op terugkomen.

Positief is dat de onevenwichtigheden in perifere landen nog altijd afnemen. Zo slinkt het tekort op de Italiaanse lopende rekening van de betalingsbalans verder. Dit cijfer is volatiel maar in januari bedroeg het tekort EUR 4,6 miljard, vergeleken met EUR 7,3 miljard in januari 2012 en EUR 9,1 miljard in 2011. Dit weerspiegelt uiteraard de aanhoudende recessie, maar ook de gunstige ontwikkeling van de export.

De VS doet het nog steeds goed…

De cijfers in de VS vielen vorige week - opnieuw - mee. Zowel de huizenmarkt als de arbeidsmarkt liet een verdere verbetering zien, evenals het ondernemersvertrouwen. De stijging van de Philly Fed index en Markit’s PMI voor maart weerspiegelden een groeiend vertrouwen bij bedrijven. Vooral de huizenmarkt is bezig aan een indrukwekkende opmars, die steeds meer zal bijdragen aan het algehele herstel naarmate de activiteit in de sector toeneemt. Het aantal bouw-vergunningen, bijvoorbeeld, bereikte in februari het hoogste niveau sinds juni 2008 en de verkopen van bestaande woningen bevonden zich op het hoogste niveau sinds eind 2009, toen belastingmaatregelen voor verhoogde activiteit zorgden. Als we deze uitschieter buiten beschouwing laten, lagen de huizenverkopen op het hoogste niveau sinds 2007.

Cyprus 2

Het is verleidelijk om te roepen dat het recent toegenomen momentum zichzelf zal gaan versterken. Wij denken echter dat we een periode met wat zwakkere groei voor de boeg hebben. De Amerikaanse economie lijkt een duwtje in de rug te hebben gekregen van de herstelwerkzaamheden na orkaan Sandy en van de toegenomen voorraadopbouw. Deze rugwind zal echter gaan afnemen en op korte termijn zal de economie waarschijnlijk zelfs wat tegenwind te verduren gaan krijgen. Wij zijn hier vorige week ook al op in gegaan. Hogere brandstof-kosten tasten de koopkracht van huishoudens aan en belastingverhogingen en bezuinigingen zullen onherroepelijk hun tol gaan eisen. 

Als we de positieve en negatieve ontwikkelingen in de VS tegen elkaar afwegen, denken wij nog steeds dat de positieve punten ruimschoots opwegen tegen de negatieve en dat de groei later dit jaar weer zal versnellen.

Cijfers uit Azië onduidelijk, maar waarschijnlijk vertekend

De economische cijfers uit Azië geven de laatste tijd een gemengd beeld te zien. We moeten hierbij bedenken dat de viering van het Chinese Nieuwjaar de cijfers aan het begin van het jaar kan verstoren. De Japanse export, bijvoorbeeld, daalde in februari met 2,9% j-o-j, terwijl de import met 11,9% steeg. Bovendien bereikte het Japanse handelstekort met China een nieuw record. Gegeven de daling van de yen sinds oktober vorig jaar moeten we ervan uitgaan dat de concurrentiekracht aanzienlijk is toegenomen. De sterke verzwakking van de yen draagt waarschijnlijk zelfs bij aan de verslechtering van de handelscijfers op korte termijn via ruilvoeteffecten. Hoopgevend is dat de eerste indicator voor het ondernemersvertrouwen in China in maart een verbetering liet zien. De HSBC PMI steeg van 50,4 in februari naar 51,7.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op