Tien vragen over Griekenland

Blog -

Griekenland kompas economie

En weer staan de kranten vol somber nieuws over Griekenland en breken beleggers zich er het hoofd over. De mislukte onderhandelingen tussen de Griekse delegatie en ‘de instellingen’ en de opruiende taal van premier Tsipras wakkeren de bezorgdheid over een faillissement en een ‘Grexit’ aan.

Langetermijnafspraken om de Griekse economie binnen de eurozone op de been te helpen, moeten drieledig zijn Nick Kounis Nick Kounis Hoofd Macro Research

Op de bijeenkomst van de Eurogroep afgelopen donderdag is weinig vooruitgang geboekt. Wel is er een noodtop van de eurolanden ingelast voor vandaag. De vooruitzichten voor een overeenkomst zijn verbeterd, nu Griekenland dit weekend een nieuw voorstel heeft gepresenteerd. In dit artikel proberen we de tien belangrijkste vragen over deze kwestie te beantwoorden.

1. Hoe staat het er op dit moment voor?

Er is enige vooruitgang geboekt, maar de verschillen tussen de twee partijen zijn nog altijd groot. De Griekse regering heeft uiteindelijk ingestemd met een primair begrotingsoverschot van 1% van het BBP voor dit jaar en 2% voor volgend jaar. Dit is in lijn met het voorstel van de schuldeisende instellingen. De belangrijkste horde is nu nog het gebrek aan vertrouwen bij de instellingen in de effectiviteit van bepaalde maatregelen waarmee de Griekse regering deze streefcijfers denkt te halen. Griekenland moet waarschijnlijk met realistischer maatregelen komen om de uitgaven te verminderen of de inkomsten te vergroten. Het IMF vindt dat er in de pensioenuitgaven moet worden gesneden, maar heeft er geen moeite mee dat de armste pensioengerechtigden worden ontzien. Griekenland heeft het afgelopen weekend een nieuw voorstel ingediend, waarin concessies worden gedaan. Een aantal Europese officials heeft daar al positief op gereageerd. Dit heeft de vooruitzichten voor een overeenkomst vandaag verbeterd.

2. Wat zijn belangrijke data in de komende periode?

Voor vandaag (maandag 22 juni) is een noodtop van de EU belegd. De vooruitzichten voor een overeenkomst zijn verbeterd, maar als dit niet lukt is er ook nog een reguliere EU-top op 25 en 26 juni. Dat zou wel eens de laatste kans kunnen zijn om tot een akkoord te komen vóór 30 juni, de dag waarop Griekenland de gebundelde IMF-aflossingen van zo’n EUR 1,6 miljard moet voldoen. De dag daarna, 1 juli, houdt de ECB haar reguliere vergadering die niet aan het monetair beleid is gewijd en waarop ze moet besluiten of de Griekse centrale bank wel of geen noodliquiditeit aan de Griekse banken mag blijven verstrekken. Op 20 juli vervallen vervolgens Griekse staatsobligaties in handen van de ECB (aflossing EUR 3,5 miljard en rente EUR 700 miljoen).

3. Komt er een akkoord met de schuldeisers?

Uiteindelijk wel, denken we. Toegeven, de eerdere uitspraken van premier Tsipras vormen geen opbeurende lectuur. Hij zei dat het IMF ‘op misdadige wijze verantwoordelijkheid draagt’ voor de toestand in het land. Dat is een nogal ‘onconventionele’ manier om een instelling te beschrijven waarvan je geld hoopt te lenen. Hij zei verder bereid te zijn de verantwoordelijkheid te dragen voor een ‘resoluut nee’ tegen voortzetting van ‘het rampzalige beleid voor Griekenland’. Europa en het IMF reageerden dat ‘de bal nu bij Griekenland ligt’ en dat de Grieken met een nieuw, aanvaardbaarder voorstel moeten komen. Ondanks de impasse hebben beide partijen volgens ons teveel te verliezen om niet tot een akkoord te komen. Hieronder leggen we uit waarom een Grieks uittreden uit de euro voor beide partijen ongunstige gevolgen zou hebben. Bovendien wil de grote meerderheid van de Grieken in de euro blijven en de regering heeft dus geen mandaat om te handelen op een manier die uittreden zou versnellen. Gelukkig is er nog wat tijd voordat de IMF-kredieten afgelost moeten worden. Wij denken dat de verschillen overbrugd kunnen worden.

4. En als er geen akkoord komt?

De Griekse regering is dan eind deze maand door haar geld heen en kan dan hoogst waarschijnlijk het IMF niet betalen. Het IMF heeft laten weten dat geen uitstel meer wordt verleend en dat Griekenland in dat geval vanaf 1 juli formeel in gebreke is ten opzichte van het IMF. De angst voor een Grexit zou dan hoog oplaaien en waarschijnlijk neemt ook de spanning op de financiële markten toe. Ook in Griekenland zelf zou de onzekerheid toenemen, en de opname van banktegoeden zou gevaarlijke vormen kunnen aannemen. Het beste scenario is dan dat de partijen weer aan de onderhandelingstafel gaan zitten en alsnog een akkoord uitwerken om te voorkomen dat Griekenland in de afgrond stort.

5. Wat gebeurt er met de Griekse banken?

Als Griekenland in gebreke blijft tegenover het IMF, wordt het bankenstelsel steeds kwetsbaarder voor een liquiditeitstekort. Uit Griekenland komen berichten dat er in de eerste vier dagen van afgelopen week voor EUR 3 miljard aan tegoeden is opgenomen. Bij wanbetaling van het IMF zou dat alleen nog maar meer worden en wordt een run op de banken een zeer reëel risico. De autoriteiten kunnen een run op banken voorkomen door voor het einde van de maand opname- en kapitaalbeperkingen op te leggen, bijvoorbeeld in het weekend van 27-28 juni of begin volgende week, volgend op een dag waarop de banken gesloten worden.

Een extra argument voor zo’n maatregel is de onzekerheid over de liquiditeit van de centrale bank. Het is de vraag of de ECB de Griekse centrale bank nog toestaat noodliquiditeitssteun te verstrekken. De ECB heeft gezegd dat de Griekse banken solvabel zijn. Verder wordt het niet-aflossen van een IMF-lening door de ratingbureaus niet als ‘default’ beschouwd. Bovendien is er een tweederde meerderheid in de Raad van Bestuur van de ECB nodig om de noodliquiditeitssteun te blokkeren en wil de ECB een besluit met zulke ernstige gevolgen liever niet nemen, omdat ze vindt dat de politiek dat zou moeten doen. Aan de andere kant zou het de ECB ook niet lekker zitten de noodliquiditeitssteun te laten doorlopen terwijl er de facto sprake is van een staatsbankroet.

6. Moet Griekenland uit de euro als het zijn schuldverplichtingen niet langer kan nakomen?

Niet per se, maar de kans dat Griekenland uit de euro stapt, wordt wel veel groter. Ook als het land in gebreke blijft, kan het een akkoord met zijn schuldeisers sluiten en een bankroet afwenden. In theorie kan het zelfs in gebreke blijven, geen akkoord sluiten en toch in de euro blijven, want volgens de wet kan een lidstaat niet uit de euro worden gezet. Het kan er alleen zelf uitstappen. Maar zonder externe financiering voor de overheid en de banken zou de toestand voor Griekenland op den duur ondraaglijk worden. Het land is al teruggegleden in een recessie, en bij een acuut liquiditeitstekort bij de banken en de invoering van opname- en kapitaalbeperkingen zou de economie snel krimpen. Een recent voorbeeld hiervan is Cyprus. Door een sterke daling van het Griekse BBP zou er een fors primair begrotingstekort ontstaan en bij gebrek aan externe financiering zou de regering dan moeten bezuinigen om de begroting rond te krijgen, en dat tijdens een diepe recessie. Het land kan dan besluiten dat het dit economisch en maatschappelijk lijden niet meer wil dragen.

7. Wat betekent een Grexit voor Griekenland?

In ieder geval in het eerste jaar zou het een nog zwaardere economische crisis betekenen. Boven op de toch al zwakke economie, de spanningen bij de banken en de overheidsbezuinigingen zou ook de waarde van de nieuwe munt direct verdampen. De inflatie schiet dan omhoog, en door de hoge inflatie en het risico voor de inflatieverwachtingen moet de centrale bank voorzichtig zijn met beleidsverruiming. De ervaring met andere landen die uit valutaregimes zijn gestapt, leert dat de economie zich uiteindelijk aanpast en weer opkrabbelt. Maar tot die tijd is de maatschappelijke tol hoog en ernstige politieke onrust een reëel risico.

8. Wat betekent een Grexit voor de eurozone?

Waarschijnlijk grote spanningen op de financiële markten, waarbij staatsobligaties van perifere eurolanden en andere financiële markten van Zuid-Europese landen de zwaarste klappen krijgen. Deze situatie hoeft echter niet heel lang te gaan duren. De andere landen van de eurozone hebben immers hun uitzettingen op Griekenland sterk teruggebracht. Bovendien beschikken de beleidsmakers nu over middelen om in te grijpen. Uiteindelijk keert de rust weer, al is dan inmiddels wel aanzienlijke economische schade aangericht. We zien al aanwijzingen dat de Griekse crisis de vertrouwensindicatoren ondermijnt en een Grexit zou dat nog erger maken. Maar als het niet al te lang onrustig blijft, moet de economie uiteindelijk weer vaste grond onder de voet krijgen.

Toch zijn de risico’s aanzienlijk. Een Grieks uittreden kan het vertrouwen van beleggers in het voortbestaan van de euro aantasten. Ze zouden dan permanent een hogere risicopremie kunnen vragen, vooral van de zwakkere lidstaten. Verder zitten de lidstaten niet te wachten op politieke instabiliteit in een geopolitiek belangrijk gebied als Griekenland.

9. Komt Super-Mario redding brengen?

Ja, waarschijnlijk wel. Mocht het risico van een Grieks uittreden sterk toenemen, dan activeert de ECB het OMT-programma. Ze koopt dan in grote hoeveelheden staatsobligaties van probleemlanden op, wat de rente op staatsobligaties weer doet dalen en de financiële markten over de gehele linie ondersteunt. Probleemlanden moeten echter officieel in een aanpassingsprogramma zitten, en het is dus nog niet duidelijk hoe snel het OMT kan ingaan.

10. Wat zou een langetermijnoplossing kunnen zijn?

Langetermijnafspraken om de Griekse economie binnen de eurozone op de been te helpen, moeten drieledig zijn. Ten eerste zijn er ingrijpende structurele hervormingen nodig om de enorme achterstand op de meest concurrerende en dynamische landen in de muntunie te verkleinen. Onder de vorige regering is aanzienlijke vooruitgang geboekt, maar nog lang niet genoeg. Ten tweede moeten de bezuinigingen in een redelijk tempo worden voortgezet om een aanzienlijk primair begrotingsoverschot te houden. Ook hier heeft Griekenland al veel bereikt. Tot slot schuldverlichting. Het is onwaarschijnlijk dat het land binnen een redelijke termijn zijn schulden naar een houdbaar niveau kan afbouwen. De eurolanden zullen dus meer moeten doen om de Griekse schuldenlast te verlichten. Die maatregelen zouden stapsgewijs kunnen worden genomen en worden gekoppeld aan het daadwerkelijk doorvoeren van hervormingen.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op