Tijdelijke inzinking of toch iets ergers?

Blog -

Vlaggen wereldbol

Nadat het jaar relatief goed was begonnen, schetsen sinds kort de economische cijfers wereldwijd in het algemeen een tegenvallend beeld. Dit is een herhaling van het patroon dat we ook in de afgelopen twee jaar hebben gezien. Wat is er aan de hand? Moeten we vrezen voor een serieuze terugval van de wereldwijde economische bedrijvigheid? Of zal uiteindelijk blijken dat dit slechts een tijdelijke fase van teleurstellende cijfers was? Wij zien geen reden om onze fundamenteel optimistische visie op de wereldwijde economische vooruitzichten te veranderen. We verwachten nog steeds dat de groeivertraging tijdelijk is, dat de wereldeconomie later dit jaar weer aan kracht wint en dat 2014 zelfs een ronduit goed jaar voor de wereldeconomie wordt.

Moeten we vrezen voor een serieuze terugval van de wereldwijde economische bedrijvigheid? Han de Jong Han de Jong Chief Economist

Recente teleurstellende cijfers

Recente economische indicatoren geven in een groot aantal landen en voor verschillende economische cijferreeksen aan dat de wereldeconomie aan kracht heeft ingeboet. In het eerste kwartaal was de economische groei nog goed, maar het tweede kwartaal ziet er aanzienlijk zwakker uit. Dit was echter alom voorzien. Wat wel zorgwekkend is, is dat veel indicatoren lager uitkomen dan verwacht, terwijl die verwachtingen vermoedelijk toch gebaseerd waren op de visie dat de economie wat zou verslappen. De vraag luidt dan ook waarom dit gebeurt en of de teleurstellende cijfers duiden op de komst van meer tegenspoed.

De redenen waarom de wereldeconomie minder snel groeit, zijn vrij duidelijk, vooral als je naar de VS kijkt. Daar gaat de rugwind die uitging van de wederopbouw na de orkaan Sandy en de daarmee verband houdende voorraadvorming, weer liggen. Sterker nog, de voorraadcyclus gaat op korte termijn zelfs voor tegenwind zorgen. Daarnaast worden de begin dit jaar doorgevoerde belastingverhogingen merkbaar. De Amerikaanse detailhandelsverkopen waren op de korte termijn altijd al volatiel en daardoor moeilijk te voorspellen. Vorig jaar en begin dit jaar lagen de bestedingen boven het trendmatige niveau lagen, maar wellicht is inmiddels een periode van benedengemiddelde uitgaven aangebroken. Het effect van de belastingverhogingen wordt hierdoor versterkt. Voorts zijn in maart de automatische beperkingen van de overheidsbestedingen in werking getreden.

De Aziatische cijfers zijn de laatste tijd ook wat teruggelopen. Dit kan te maken hebben met de maatregelen die in een aantal landen zijn doorgevoerd om de huizenmarkt te laten afkoelen. De Europese cijfers waren al enige tijd zwak en zijn niet verbeterd. Waarschijnlijk begint de forse waardevermindering van de yen door te werken in de economie van de eurozone, naast alle andere factoren die de groei belemmeren.

Japan lijkt het buitenbeentje te zijn. De vertrouwensindices trekken weer aan, net als de exportorders. De plannen van premier Abe lijken een zichtbaar positieve invloed te hebben. Of dat zo blijft, is nog onduidelijk. Japan is momenteel wel het enige land waar de groeiprognoses voor de korte termijn worden verhoogd. Ik wil graag bij een paar recente uitkomsten van Japanse indicatoren stilstaan. De exportorders zijn volgens de inkoopmanagersenquête fors aangetrokken. Het consumentenvertrouwen neemt eveneens toe en de respondenten van deze enquête zijn sinds 2007 niet meer zo optimistisch over de arbeidsmarkt geweest. Uit de BoJ-enquête voor de bancaire kredietverlening blijkt dat de kredietvraag bij bedrijven duidelijk aantrekt. Tot slot weet ik niet of de inflatiedoelstelling van de BoJ haalbaar is, maar McDonald’s in Japan heeft wel een forse prijsverhoging voor zijn burgers aangekondigd ...

Wij houden voet bij stuk

Ik blijf in ieder geval van mening dat de recente teleurstellingen het gevolg zijn van een samenloop van omstandigheden en daarom van voorbijgaande aard zijn. Ik heb al vaker betoogd dat het proces van balansherstel in de VS nu min of meer afgerond is. Gezinnen hebben hun huishoudboekje weer grotendeels op orde en de rentebetalingen en aflossingen zijn momenteel goed op te brengen. De banken zijn ook weer gezond en het bedrijfsleven doet het over het geheel genomen zelfs zeer goed. Nu het herstel op de huizenmarkt aan kracht wint, het energielandschap ingrijpend verandert ten gunste van de VS en de internationale concurrentiepositie krachtig is, beschikt het land over een solide basis voor bestendige groei. 

Het dempend effect van de belastingverhogingen is per definitie tijdelijk. Het ergste ligt wat dat betreft al achter ons, zij het dat de gevolgen nu pas merkbaar worden.

Een ander argument om positief te blijven, is het feit dat betrouwbaar geachte voorlopende indicatoren helemaal geen negatieve signalen afgeven. Zo zijn de samengestelde voorlopende indicatoren van de OESO ontworpen om een omslag in de economische bedrijvigheid vroegtijdig te signaleren. Zij deden goed werk in 2007 en 2008 toen zij de problemen tijdig zagen aankomen, en zij waarschuwden ook op tijd voor het keerpunt in 2009. Momenteel geven deze indicatoren echter een positief signaal af en dat is bemoedigend.

Tijdelijke inzinking 01

In de eurozone blijft de economie krimpen. Kunnen we daar überhaupt iets positiefs over zeggen? Jawel, er zijn wat lichtpuntjes. Allereerst bleef de inkoopmanagersindex (PMI) in april stabiel. Dat was weliswaar op een niveau dat nog steeds op krimp duidt, maar het had erger kunnen zijn. De Duitse Ifo-index (meet het ondernemersvertrouwen) liet in april een sterker dan verwachte terugval zien. Daarbij moeten we echter aantekenen dat de Ifo-index hoger lag dan de harde cijfers konden rechtvaardigen. Het ECB-rapport voor de bancaire kredietverlening was enigszins bemoedigend. Banken gaven aan dat hun financieringssituatie blijft verbeteren en dat de kredietvoorwaarden voor bedrijven in iets lichtere mate zijn aangescherpt. Hier zitten we nu zelfs onder het trendniveau. De vraag naar krediet blijft onder bedrijven en gezinnen zeer laag, maar banken voorzien enige verbetering. Dit alles vormt geen rooskleurig beeld, maar wijst evenmin op verdere verslechtering. Toch zijn de argumenten voor stimulering door de ECB naar mijn overtuiging uitermate sterk: een aanhoudende, zij het lichte krimp van de economische bedrijvigheid; een verschuiving van opwaartse naar neerwaartse inflatierisico’s; een benedengemiddelde geld- en kredietgroei; een munt die zonder twijfel overgewaardeerd is en een bankenstelsel dat extra steun kan gebruiken. Ik zou echt niet weten waarom de ECB tijdens de beleidsvergadering in mei haar beleid niet verder zou verruimen. Met de Duitse verkiezingen van september in het vooruitzicht zou dit toch het moment zijn om in actie te komen. Wat daarnaast op de korte termijn uit cyclisch oogpunt bemoedigend is, is dat de nadruk op strikte bezuinigingen wat lijkt af te nemen.

Tijdelijke inzinking 02

Voorts was er de laatste tijd wat bezorgdheid over China. De BBP-cijfers over het eerste kwartaal stelden teleur en de voorlopige PMI van HSBC liet in april een sterker dan verwachte terugval zien. Ik denk echter niet dat we voor het ergste moeten vrezen. Vorig jaar bleek de vrees voor een harde landing ook ongegrond. Er zijn juist diverse redenen voor een relatief goed gevoel. Allereerst geven de voorlopende indicatoren een positief signaal af. Ten tweede zijn de cijfers over het algemeen helemaal niet zo slecht. De groei van 7,7% j-o-j in het eerste kwartaal lag ruim binnen de bandbreedte van het huidige vijfjarenplan. Uit de samenstelling van de groei bleek dat deze inderdaad steeds meer aan de consumptie te danken is. Tot slot vielen sommige cijfers weliswaar tegen, maar andere niet. Dat gold bijvoorbeeld voor de investeringen in vaste activa, voor de trendmatige ontwikkeling van de export en voor het aanbod van financieringsmiddelen.

Vooruitblik

Ik zie een aantal redenen om bijzonder optimistisch te zijn voor de wereldeconomie in 2014. Allereerst denk ik dat het fundamentele beeld is opgeklaard en verder zal verbeteren. De balansen worden gerepareerd, de onevenwichtigheden worden verminderd, het systeemrisico ebt in de eurozone weg en de spanningen in het financiële systeem nemen af. Het herstelproces van de wereldeconomie wordt zichtbaar.

Ten tweede daalt de inflatie zoals ik al eerder heb aangegeven, en ook deze ontwikkeling zal waarschijnlijk doorzetten. De reële koopkracht wordt hierdoor ondersteund. Voor zover de inflatie daalt als gevolg van lagere grondstoffenprijzen, is dat natuurlijk ongunstig voor de grondstoffenproducenten. Tegen die achtergrond is het begrijpelijk dat de voorlopende indicatoren voor sommige grondstoffenproducerende landen nu verslechteren.

Ten derde passeren de bezuinigingen dit jaar hun hoogtepunt. De onlangs gepubliceerde Fiscal Monitor van het IMF bevat gegevens over de conjunctureel gecorrigeerde begrotingssituatie. Bij de berekening van deze maatstaf tracht het IMF het effect van begrotingsmaatregelen te isoleren. De cijfers van het IMF laten op basis van de op dit moment bekende gegevens zien wat de uitwerking van de overheidsbegroting op de economische groei is: in de VS gaat de negatieve uitwerking daarvan op korte termijn aanzienlijk afnemen en in de eurozone zal dat volgend jaar het geval zijn. Daarentegen is in Japan juist sprake van een duidelijk positieve uitwerking. De conjunctureel gecorrigeerde begrotingssituatie wordt in de VS en de eurozone volgend jaar iets meer dan 1% van het BBP minder restrictief. Daardoor kan de totale groei versnellen. Het plaatje is in Japan echter iets anders, deels als gevolg van de voorgenomen BTW-verhoging en het aflopen van bepaalde stimuleringsmaatregelen die onlangs doorgevoerd zijn. Maar het idee achter de Japanse strategie is om genoeg groeimomentum te creëren zodat de economie de begrotingsverkrapping volgend jaar zelf kan opvangen.

De inhaalvraag vormt een vierde reden om voor volgend jaar optimistisch te zijn. In veel landen waar diverse jaren sprake was van een benedengemiddelde groei, moet een aanzienlijke inhaalvraag zijn opgebouwd. Indien en wanneer de economische omstandigheden zich normaliseren, komt deze vraag los en kan zij voor een aanzienlijke, zij het tijdelijke, impuls zorgen. 

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op