Woorden van Draghi werken na op de obligatiemarkten

Blog -

Mario Draghi

De internationale financiële markten vertoonden de afgelopen week een wisselend beeld, zowel regionaal als in de loop van de week. Vooral in de tweede helft van de week werden beleggers weer risico-avers wat leidde tot een daling van de kapitaalmarktrente in de Europese kernlanden en de Verenigde Staten.

Vooral in de tweede helft van de week werden beleggers weer risico-avers Ben Steinebach Ben Steinebach Hoofd Beleggingsstrategie

Hoewel de beurzen wereldwijd vanaf het midden van de week onder druk kwamen, deden de aandelenbeurzen in Europa het de afgelopen week gemiddeld genomen beter dan de Amerikaanse beurzen. Overigens weerspiegelden de aandelenbeurzen in de Europese landen wel precies de ontwikkeling van de economie, met koersstijgingen in Duitsland en het Verenigd Koninkrijk en dalingen in Frankrijk en Nederland. Buiten Europa leek ook de Japanse beurs over de week per saldo garen te spinnen bij de sterke economische groei in het eerste kwartaal.
 
Inmiddels is de rente in veel landen verder gedaald, mede door signalen van ECB-president Draghi dat hij in juni mogelijk maatregelen neemt om deflatie te bestrijden. In Europa zijn de 10-jaars rentes daardoor weer op het niveau gekomen van een jaar geleden. Dat was het moment waarop de toenmalige voorzitter van de Federal Reserve - Ben Bernanke - begon te spreken over het verminderen van de monetaire stimulansen en de rente in de Verenigde Staten en Europa pijlsnel omhoog schoot. In de Verenigde Staten ligt het huidige renteniveau overigens nog wel ruim een half procent boven het toenmalige niveau. Als weerspiegeling van de toegenomen risico-aversie in de afgelopen week liepen in de Europese periferie de rentes juist met 10 tot 20 basispunten op, waardoor de renteverschillen tussen Zuid- en Noord-Europa weer zijn toegenomen.

Nieuwsstroom geeft onduidelijke signalen naar de markten

De risico-aversie op de internationale aandelenmarkten kan nog maar voor een beperkt deel worden verklaard door de spanningen tussen Rusland en het westen. Het gemengde karakter van de macro-economische cijfers, die afgelopen week werden gepubliceerd, heeft vermoedelijk een belangrijkere rol gespeeld. Overigens vertoonden ook de nog binnenkomende bedrijfsresultaten een gemengd beeld. Uit de Verenigde Staten kwamen wel overwegend positieve macro-cijfers. Eigenlijk viel alleen de groei van de industriële productie in april wat tegen en werden de wenkbrauwen enigszins gefronst bij een oplopende inflatie tot 2%. Dit laatste had overigens meer te maken met de prijsdaling die in april 2013 plaatsvond dan met het stijgingstempo in april dit jaar (+0,3% vergeleken met -0,4% een jaar geleden). De daling van de industriële productie kan worden genuanceerd als wordt gekeken naar de sterke groei in de voorgaande twee maanden (1,4% en 0,9%). Verder waren er positieve cijfers over het aantal werklozen en waren de eerste cijfers over de conjunctuur in mei - zowel de empire state manufacturing index als de Philadelphia Fed index - bij nadere beschouwing positief.

In Europa waren de gepubliceerde indicatoren echter negatief met een economische groei die in het eerste kwartaal is tegengevallen (0,2% in de eurozone, waar 0,4% was verwacht). Belangrijkste oorzaak van de tegenvaller was de stagnatie in Frankrijk en Italië en de krimp in Nederland (-1,4%) door de gedaalde gasafzet in binnen- en buitenland (vanwege de zachte winter) en het naar voren halen van auto-aankopen door fiscale veranderingen per 1 januari. Dit kon onvoldoende worden gecompenseerd door de sterke groei in Duitsland (+0,8%). Uit Azië kwamen ook al gemengde signalen die wezen op een (lichte) verdere afzwakking van de Chinese economie en een krachtige onderliggende ontwikkeling in de Japanse economie.
 
Het bedrijfsresultatenseizoen loopt zo ongeveer ten einde, maar er waren toch nog wel wat interessante ontwikkelingen. Zo kwam Aegon met goede resultaten maar werd daar uiteindelijk op de beurs niet voor beloond. De resultaten van BAM vielen daarentegen licht tegen, maar het bedrijf wist zijn orderportefeuille wel weer wat te vergroten en de resultaten van Boskalis oogden solide ondanks vertraging in de berging van de Costa Concordia. In de Verenigde Staten kwam Wal-Mart met teleurstellende berichten. Het bedrijf heeft last van zowel de ligging van zijn megastores ver buiten de stedelijke centra en van concurrentie door internetaanbieders.

Resultatenseizoen echt ten einde

Komende week is er nog een staartje aan bedrijfsresultaten, maar het richtinggevende nieuws op de financiële markten zal toch moeten komen van het macrofront. Bedrijven die hun resultaten komende week presenteren zijn het Amerikaanse Home Depot en het Britse Vodafone. Daarnaast zal er een trading update (een tussentijdse verklaring) worden gegeven door Vastned Retail. Op macro-gebied is het overigens ook geen bijster drukke week. Het interessantst zijn nog de gegevens die volgende week vrijdag worden gepubliceerd over het ondernemersvertrouwen in Duitsland en België. De Ifo-index uit Duitsland wordt algemeen erkend als maatgevend, maar de index van het Belgische ondernemersvertrouwen, die door de nationale bank van België wordt gepubliceerd, geldt onder kenners ook wel als een goede indicator voor het Europese ondernemersvertrouwen. Naast deze cijfers verschijnen er deze week diverse cijfers over de inflatie in april (Verenigd Koninkrijk en Duitsland), het vertrouwen onder consumenten in de Europese Unie in mei en ook over de stemming onder inkoopmanagers in mei in de meeste toonaangevende landen in de wereld.

Lees meer over

Discussieer mee

ABN AMRO is benieuwd naar uw mening. U kunt daarom onder dit artikel reageren via Disqus. Door te reageren gaat u akkoord met de voorwaarden.

Meer blogs

Filteren op