Woningmarkt presteert beter in 2026, sterkere afkoeling verwacht in 2027

- Economie
Huizenprijzen stijgen naar verwachting met 3,8 procent in 2026 en 2,5 procent in 2027
Aantal woningtransacties daalt zowel in 2026 (-0,5 procent) als in 2027 (-5,5 procent)
Grote regionale verschillen; Amsterdam loopt voorop in afkoeling huizenmarkt
Stijging hypotheekrente remt huizenmarkt in 2027 sterker af
De woningmarkt presteert dit jaar beter dan verwacht, maar in 2027 verwacht ABN AMRO een zichtbaar sterkere afkoeling. De bank verhoogt daarom haar prognose voor 2026 van 3 naar 3,8 procent. In 2027 keert deze trend en stelt de bank haar verwachting juist naar beneden bij: van 4 naar 2,5 procent. Ook bij de woningtransacties worden de verwachtingen dit jaar bijgesteld, van -3 naar -0,5 procent. In 2027 gaat de bank uit van een sterkere daling: 5,5 procent in plaats van 4 procent. De oorzaak van deze afkoeling is dat de hypotheekrente naar verwachting langer hoog blijft. Desondanks ligt vooralsnog geen daling van de huizenprijzen in het vooruitzicht, concludeert ABN AMRO in de nieuwste editie van de Woningmarktmonitor die vandaag wordt gepubliceerd.
Regio’s buiten de Randstad maken inhaalslag
Achter dit landelijk gemiddelde gaan grote regionale verschillen schuil. Terwijl de groei in stedelijke gebieden afvlakt, is in landelijke gebieden sprake van forse prijsstijgingen. Groningen, Drenthe en Gelderland laten de sterkste stijgingen zien en trekken het landelijke gemiddelde omhoog. In de Randstad zwakt de prijsontwikkeling juist af, met Amsterdam voorop. In het tweede kwartaal lagen de huizenprijzen in de hoofdstad slechts 0,8 procent hoger dan een jaar geleden. Dat is veel lager dan het landelijk gemiddelde (4,2 procent) en de prijsstijging in Groningen (+7,9 procent). ABN AMRO beschouwt Amsterdam als graadmeter voor de rest van de woningmarkt. Dat betekent dat de afkoeling die hier zichtbaar is, zich op termijn ook in andere regio’s kan voordoen.
Fundamenten onder huizenmarkt nog steeds sterk
De maatregelen die het kabinet tijdens Prinsjesdag presenteerde, veranderen volgens ABN AMRO op korte termijn weinig aan het beeld op de woningmarkt. De plannen zijn vooral gericht op beleggers en de huurmarkt, terwijl maatregelen voor kopers zowel positieve als negatieve effecten hebben. Zo verwacht het Centraal Planbureau een daling van de koopkracht, vooral bij huishoudens met een hoger inkomen. Tegelijkertijd stijgt het maximale aftrektarief voor de hypotheekrente en werd eerder bekend dat de startersvrijstelling van de overdrachtsbelasting in 2027 wordt verruimd, van 555.000 naar 615.000 euro. Ook wordt een verhoging van de NHG-grens verwacht. “Vooral starters profiteren hiervan, omdat de transactiekosten dalen en meer woningen binnen de vrijstellingsgrens vallen”, zegt Mike Langen, senior econoom Woningmarkt van ABN AMRO. “Dat neemt niet weg dat de betaalbaarheid onder druk blijft staan. De hypotheekrente blijft langer hoog, de inkomensgroei neemt af en het woningtekort blijft groot. Dat zorgt ervoor dat de markt wel afkoelt, maar voorlopig geen daling van de huizenprijzen in het vooruitzicht ligt. Tegelijkertijd is de woningmarkt als geheel nog steeds robuust.”