Belangrijke hoofdpunten Global Monthly maart 2026

Het conflict met Iran veroorzaakt een nieuwe mondiale energieschok. Hoe lang de verstoringen in de energievoorziening zullen aanhouden, blijft onzeker, maar in ons nieuwe basisscenario gaan we ervan uit dat de ernstige verstoringen tot eind mei aanhouden. De inflatieschok zal zwaarder wegen dan de groeischok, wat leidt tot een havikachtige koerswijziging door centrale banken. Van de ECB wordt verwacht dat zij de rente zal verhogen, terwijl de Fed verdere renteverlagingen naar verwachting zal uitstellen. Desondanks wordt verwacht dat de ontwikkelde economieën veerkrachtig blijven en een recessie vermijden. Uiteindelijk verwachten wij dat centrale banken de rente opnieuw zullen verlagen zodra de inflatieschok is uitgewerkt. Tegen deze achtergrond zullen Amerikaanse tarieven een rem blijven zetten op de wereldhandel, maar de AI-boom zet door, de Duitse begrotingsuitgaven stimuleren een cyclisch herstel in de eurozone en China blijft bescheiden maatregelen nemen om de vraag te ondersteunen, terwijl het zijn op productie gerichte groeimodel intact houdt.
Macro
Eurozone
De inflatiestijging als gevolg van de nieuwe energie-schok weegt zwaarder dan de negatieve impact op de groei. Wij verwachten echter een veel beperktere en beter beheers-bare inflatiestijging dan tijdens de schok van 2022–2023. Dit komt doordat de stijging van de gasprijzen aanzienlijk kleiner is, maar ook doordat elektriciteitsmarkten grotendeels zijn losge-koppeld van gas. Toch zal de groei worden gedrukt door een verkrapping van de financiële condities, aangezien de ECB eventuele tweede-ronde-effecten op de inflatie voor wil zijn. We verwachten dat het conjuncturele herstel in grote lijnen doorzet, ondersteund door hogere Duitse begrotingsuitgaven.
Nederland
Wij hebben onze groeiverwachtingen licht neerwaarts bijgesteld en onze inflatieverwachtingen verhoogd als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten. Voor 2026 verwachten wij nu een jaargroei van 1,5% (was 1,6%) en een gemiddelde inflatie van 2,8% (was 2,2%). De Nederlandse economie is gevoeliger voor tweede-ronde-effecten op de lonen vanwege het hoge uitgangsniveau van de inflatie en de krappe arbeidsmarkt. Desondanks blijft de economie veerkrachtig, mede dankzij recente economische dynamiek en doordat de private sector de afgelopen kwartalen schulden heeft afgebouwd en aanzienlijke buffers heeft opgebouwd.
VK
De energieschok zal leiden tot een nieuwe inflatiepiek op een moment dat de inflatieverwachtingen al niet goed verankerd zijn. De arbeidsmarkt is echter aanzienlijk ruimer dan tijdens de vorige energieschok, wat zou moeten helpen om tweede-ronde-effecten te beperken. Hoewel wij onze groeiverwachtingen hebben verlaagd, verwachten wij dat de impact beheersbaar blijft. In ons basisscenario zet het geleidelijke economische herstel zich het komende jaar voort, geholpen door verminderde begrotingsonzekerheid en minder kwetsbare overheidsfinanciën.
VS
In het vierde kwartaal van 2025 verloor de economie enig momentum, deels als gevolg van de overheidsstillegging. De recente olieschok verhoogt de (headline-)inflatie, maar heeft slechts een beperkte impact op de groei. Wij blijven rekenen op solide economische groei, ondersteund door investeringen in AI en door monetair en begrotingsbeleid. De kerninflatie blijft verhoogd door de laatste doorwerking van importtarieven en vraagimpulsen vanuit stimuleringsmaatregelen. De werkloos-heid stijgt geleidelijk, maar niet scherp, doordat een beperkte vraag samengaat met een sterke afname van het arbeids-aanbod als gevolg van immigratiemaatregelen.
China
De economie is 2026 sterk begonnen. Investeringen laten weer groei zien en de export heeft geprofiteerd van een krachtige mondiale technologiesector. Als grote energie‑ importeur wordt China geraakt door het Iran-conflict, maar er zijn verzachtende factoren. Wij hebben onze groeiramingen licht aangepast naar 4,6% (van 4,7%) voor 2026 en 4,5% (van 4,4%) voor 2027. Ondanks aanhoudende overcapaciteit leiden hogere energieprijzen op korte termijn tot hogere (kosten‑ gedreven) inflatie. Wij hebben onze inflatieramingen iets verhoogd en verwachten dat dit verdere geleidelijke monetaire versoepeling enigszins zal vertragen.
Central Banks & Markets
ECB
De Governing Council is overgegaan naar een verkrappende beleidsrichting. Wij verwachten nu rentever-hogingen tijdens de vergaderingen van april en juni, waarmee de depositorente uitkomt op 2,50%. Voor de tweede renteverhoging hebben wij minder ‘convictie’, gezien de onzekerheid over de duur van de verstoringen in de energievoorziening – en daarmee de inflatiestijging. Uiteindelijk verwachten wij dat tweede-ronde-effecten beperkt blijven en dat de ECB zich begin 2027 voldoende zeker voelt over het inflatiepad om de rente geleidelijk terug te brengen richting een neutraal beleidsniveau. Wij voorzien één renteverlaging in zowel het eerste als het tweede kwartaal van 2027, waardoor de depositorente terugvalt naar 2%.
Fed
De Federal Reserve handhaafde de rente tijdens de vergadering van maart binnen de bandbreedte van 3,50–3,75%. Daarbij gaf het FOMC aan dat er geen consensus is om de rente te verlagen voordat de goedereninflatie (met name door tarieven) begint af te nemen. Door de extra impact van de olieschok op energie‑ en headline‑inflatie verwachten wij dat de Fed de rente langer ongewijzigd laat dan eerder voorzien, en pas in december overtuigd raakt dat tweede-ronde-effecten beperkt blijven. Vanaf dan verwachten wij een geleidelijk versoepelend beleid, met kwartaalgewijze renteverlagingen van 25 basispunten, tot een niveau van 2,75–3,00% rond juni volgend jaar, aan de onderkant van de neutrale bandbreedte.
Bank of England
Het monetaire beleidscomité (MPC) sloeg in de communicatie van maart een onverwacht havikachtige toon aan. Wij verwachten dat de BoE in april voor de zekerheid een renteverhoging doorvoert en verdere stappen signaleert indien de energieprijzen op dat moment hoog blijven. Uiteindelijk verwachten wij echter dat het MPC terugkeert naar een afwachtende houding, ervan uitgaande dat de energievoorziening vanaf juni geleidelijk normaliseert. Dit weerspiegelt het feit dat de rente zich al in restrictief gebied bevindt en de historisch volatiele maar uiteindelijk dovish inslag van het MPC. Wij verwachten dat renteverlagingen vanaf eind 2026 worden hervat.
Obligatierentes
Sinds het uitbreken van de oorlog met Iran hebben de rentecurves een sterke (bearish) vervlakking getoond, gedreven door het inprijzen van renteverhogingen door de ECB en het uitprijzen van renteverlagingen door de Fed. Door nieuwsberichten over het conflict is de volatiliteit sterk toegenomen en wij verwachten dat deze hoog blijft totdat een oplossing in zicht komt. De markt prijst momenteel drie renteverhogingen door de ECB en geen renteverlagingen door de Fed in, terwijl ons basisscenario minder negatief is. Daarom verwachten wij dat zowel de 2‑10‑jaars Bund‑ als de Amerikaanse staatsobligatiecurve in 2026 weer zullen versteilen.
FX
Wij hebben onze valutaramingen aangepast op basis van ons nieuwe basisscenario. De herziene prognoses gaan uit van een bescheiden verzwakking van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar in de komende maanden, als gevolg van aanhoudend hoge olie‑ en gasprijzen en gunstige Amerikaanse reële renteverschillen. Later in 2026 en in 2027 verwachten wij echter een herstel, naarmate de energieprijzen dalen en de aandacht meer verschuift richting de VS, wat de euro ondersteunt. Onze EUR/USD‑raming staat nu op 1,20 eind 2026 en 1,25 eind 2027, beide iets lager dan eerdere ramingen.

