De dagvaarding van voorzitter Powell brengt renteverlagingen in gevaar

De Federal Reserve heeft van het ministerie van Justitie dagvaardingen ontvangen met betrekking tot de getuigenis van Jerome Powell in juni voor het Congres over renovaties aan het hoofdkantoor van de Fed. Vorig jaar werd duidelijk dat de regering-Trump deze renovaties zag als een mogelijke manier om voorzitter Powell onder druk te zetten. In een videoverklaring gisteravond benadrukte Powell dat “de dreiging (...) het gevolg is van het feit dat de Federal Reserve de rentetarieven vaststelt op basis van onze beoordeling van wat het publiek ten goede komt, in plaats van de voorkeuren van de president te volgen”. Trump ontkende ondertussen enige kennis van het onderzoek te hebben. Een dagvaarding markeert het begin van een proces om bewijsmateriaal te verzamelen. Dit is een onderzoek, dat mogelijk zonder aanklacht wordt afgesloten. Als er wel een aanklacht wordt ingediend, zal deze waarschijnlijk het precedent van de zaak Lisa Cook volgen, met een lang proces tot aan het Hooggerechtshof.
Grondslag van de aanklacht
Procureur-generaal Pam Bondi heeft verschillende instanties opdracht gegeven om mogelijk misbruik van belastinggeld te onderzoeken. De renovatiekosten van de Fed zijn gestegen van een verwachtte 1,9 miljard dollar in 2023 tot een huidige schatting van 2,5 miljard dollar. In zijn getuigenis in juni schreef Powell de overschrijdingen toe aan hogere kosten voor materialen, apparatuur en arbeid, evenals onvoorziene problemen zoals giftige verontreiniging. Ze zijn niet het gevolg van vermeende extravagante voorzieningen, zoals bijvoorbeeld een gouden balzaal. In juli beschuldigde de directeur van de Federal Housing Finance Administration Powell ervan tijdens de hoorzitting te hebben gelogen, wat volgens hem een reden voor ontslag zou kunnen zijn. Trump bezocht de renovatielocatie en gaf aanvankelijk aan dat dit niet voldoende reden gaf om Powell te ontslaan, maar gaf eind vorig jaar aan dat hij een rechtszaak wegens “grove incompetentie” in verband met het project overwoog. Over het geheel genomen lijken de beschuldigingen politiek van aard en lijkt het onwaarschijnlijk dat dit onderzoek enig belastend bewijs zal opleveren.
Gevolgen voor de volgende voorzitter van de Fed
Powell heeft krachtig gereageerd en wond er geen doekjes om; dit is een aanval op de Fed haar onafhankelijkheid. De timing suggereert dat dit verband kan houden met zijn mogelijkheid om in de raad van bestuur van de Fed te blijven na zijn termijn als voorzitter. Dit zou grote invloed hebben op Trump’s invloed op de Fed in de tweede helft van dit jaar. Deze situatie verhoogt de druk op Powell om af te treden.
Deze strategie kan op een aantal manieren averechts werken. Ten eerste kan Powell hierdoor juist gesterkt worden in zijn bereidheid aan te blijven. Ten tweede maakt het de benoeming van de volgende voorzitter een stuk moeilijker. Gezien deze flagrante aanval op de onafhankelijkheid van de Fed zal elke kandidaat nog duidelijker in dit licht worden gezien. Het aanvaarden van de functie terwijl deze rechtszaken lopen, impliceert het aanvaarden van het verlies van onafhankelijkheid. Elke potentiële voorzitter die de functie aanvaardt, wordt daardoor onmiddellijk gecompromitteerd. Dit kan de kansen voor een buitenstaander als Kevin Warsh, die als onafhankelijker kan worden beschouwd, enigszins vergroten.
Het probleem van de opvolging in deze context wordt breed gedeeld. De Republikeinse senator Thom Tillis, lid van de Senaatscommissie voor het bankwezen, heeft gezegd dat hij zich zal verzetten tegen de benoeming van een nieuwe Fed-voorzitter totdat de juridische kwestie is opgelost, hoewel het niet duidelijk is of hij deze mening de komende maanden zal blijven verdedigen.
Gevolgen voor het beleid van de Fed
Deze uitdaging voor de onafhankelijkheid van de Fed zou het FOMC er juist toe kunnen aanzetten een iets stevigere houding aan te nemen om de instelling te verdedigen. Het laatste arbeidsmarktrapport biedt voldoende reden om de rente voorlopig ongewijzigd te laten. Ons basisscenario blijft een pauze in januari, gevolgd door driemaandelijkse verlagingen van 25 basispunten vanaf maart. Als de situatie echter voortduurt, kunnen de renteverlagingen worden uitgesteld.
